Alle soorten › Zangvogels › Vinkachtigen › Jamaicaanse organist

Jamaicaanse organist | Euphonia jamaica

Jamaican Euphonia | Eufonia jamaicana

De Jamaicaanse organist is een van de meest afwijkende organisten: het mannetje mist het geel en blauwzwart van zijn verwanten en is vrijwel egaal grijsblauw. Hij is algemeen op heel Jamaica, van tuinen en boomgaarden tot de top van de Blue Mountains. Op Jamaica heet hij short-mouth bluequit, naar de korte, dikke snavel.

Jamaicaanse organist (Euphonia jamaica)
Foto: dominic sherony — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een droog, krassend tjik en een rommelig, snel gekwetter; de roep klinkt vaak vanuit de kroon voordat de vogel te zien is.

Luister: ZangXC362787

Opname: Kiirsti — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

11–12 cm, gedrongen, met een korte staart en een korte, dikke snavel. Het mannetje is donker grijsblauw met een iets lichtere kop, een gele vlek op de buik en lichte onderstaartdekveren. Het vrouwtje heeft een blauwgrijze kop en nek, een olijfgroene rug en staart en grijze onderdelen met olijfgele flanken. Jonge vogels lijken op het vrouwtje, maar zijn doffer.

Verwarrings­soorten

Het mannetje van de Jamaicaanse suikervogel Euneornis campestris is ook grijsblauw, maar heeft een oranje keel en een dunne, licht gebogen snavel. Het vrouwtje lijkt op de Jamaicaanse vireo Vireo modestus, die vleugelstrepen, een lichte iris en een slankere snavel heeft. De korte, dikke snavel en de ronde vorm zijn bij beide seksen het beste kenmerk.

Leefgebied

Open bos, bosranden, struweel, boomgaarden, koffieplantages, parken en tuinen, het meest in het heuvelland. Eet vooral kleine vruchten en bessen, met name van maretakken, en daarnaast vijgen en guave. Zoekt in paren of kleine groepjes in boomkronen en struiken naar voedsel.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

Endemisch op Jamaica, over het hele eiland van zeeniveau tot ongeveer 2250 m op Blue Mountain Peak. Buiten Jamaica komt de soort niet voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Algemeen in tuinen en parken, bijvoorbeeld rond Kingston, en langs bosranden in de Blue Mountains en het John Crow-gebergte. Fruitbomen en maretakken trekken groepjes aan, die zich daar vaak goed laten bekijken.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De soort is algemeen en de aantallen lijken stabiel; zij past zich goed aan tuinen en cultuurland aan.

Wetenschappelijke naam

Euphonia jamaica | (Linnaeus, 1766)

Linnaeus beschreef de soort in 1766 als Fringilla Jamaica; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Euphonia werd in 1806 ingevoerd door Desmarest, A-G. Euphonia is Grieks, van eu 'goed' en phōnē 'geluid': 'welluidend', naar de aangename roep. jamaica verwijst naar Jamaica, het eiland waar de soort endemisch is. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Jamaica.