Alle soorten › Zangvogels › Lijsters › Witooglijster
Witooglijster | Turdus jamaicensis
White-eyed Thrush | Zorzal jamaicano
De witooglijster is de tweede endemische lijster van Jamaica, naast de witkinlijster. Ze leeft verborgener, in vochtig bos in de heuvels en bergen, en wordt vaker gehoord dan gezien. Haar luide, herhaalde zang behoort tot de bekendste geluiden van het Jamaicaanse bergbos.
Geluid
De zang is een reeks herhaalde, muzikale frasen, vaak met een fluitend hie-haa; ze is luider en minder afwisselend dan die van de spotlijster, maar vergelijkbaar van opbouw. Daarnaast harde, hoge roepnoten.
Voor deze soort is nog geen opname met een geschikte Creative Commons-licentie beschikbaar.
Herkenning
23–24 cm. De kop is grotendeels roodbruin, met een witte iris en een donkere snavel. Kin en keel zijn wit met kastanjebruine strepen, en een witte band scheidt de keel van de borst. De bovendelen, vleugels en staart zijn leigrijs, de onderdelen grotendeels licht grijsbruin met een witte onderbuik en onderstaart. De poten zijn bruinachtig. De seksen zijn gelijk. Jonge vogels hebben een zwaar gestreepte borst.
Verwarringssoorten
De witkinlijster Turdus aurantius heeft een zwartachtige kop, een donkere iris en een oranje snavel en oranje poten, en zit vaker in de open lucht op gazons en wegen. De roodkeelsolitaire Myadestes genibarbis is kleiner en slanker, met een kort snaveltje en een oranjerode keel. De spotlijsters Mimus missen de roodbruine kop.
Leefgebied
Vochtig bos in de heuvels en bergen, van ongeveer 100 m tot de hoogste toppen, ook ander bos en schaduwkoffieplantages. Foerageert in de onderste lagen en op de grond naar insecten en vruchten; zingt vanaf een verborgen zitplaats hoog in de boom.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.
Verspreiding en trek
Alleen op Jamaica, verspreid over de beboste heuvels en bergen van het hele eiland, onder meer in de Blue en John Crow Mountains, de Cockpit Country en de bergen van het midden en westen. De soort komt buiten Jamaica niet voor.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Het best vroeg in de ochtend in het bergbos van de Blue Mountains, bijvoorbeeld langs de weg bij Hardwar Gap, en in de Cockpit Country. De zang verraadt de vogel; daarna geduldig zoeken in de middenlaag van het bos.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd. Het verspreidingsgebied is klein, maar de populatie wordt als stabiel beschouwd en de soort is in geschikt leefgebied vrij algemeen. Ontbossing in de heuvels kan op termijn leefgebied kosten.
Wetenschappelijke naam
Turdus jamaicensis | Gmelin, 1789
Gmelin beschreef de soort in 1789 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Turdus werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Turdus is het gewone Latijnse woord voor 'lijster'. jamaicensis betekent 'van Jamaica', het eiland waar de soort voorkomt. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Jamaica.



