Alle soorten › Steltloperachtigen › Kluten › Amerikaanse kluut

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Kraanvogels en steltlopers Gruimorphae

Amerikaanse kluut | Recurvirostra americana

American Avocet | Avoceta americana

De Amerikaanse kluut is een grote, slanke steltloper met een scherp zwart-wit verenkleed, lange blauwgrijze poten en een dunne, opgewipte snavel. Hij broedt in het westen van Noord-Amerika en plaatselijk in het noorden en op de hoogvlakte van Mexico. In de noordelijke winter is hij langs de kusten en op de binnenlandse meren van Mexico een algemene wintergast; verder naar het zuiden wordt hij snel schaarser.

Amerikaanse kluut (Recurvirostra americana)
Foto: Frank Schulenburg — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een hard, nasaal wiet of kliet, vaak herhaald, vooral bij verstoring en in de vlucht. In de winter meestal stil.

Luister: RoepXC587206

Opname: Craig Robertson — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

43–47 cm, met een lange hals en een dunne, zwarte, duidelijk omhoog gebogen snavel. Rug en vleugels zijn zwart-wit getekend: over de rug lopen twee brede zwarte banen en de vleugel heeft een grote witte vlek, de rest van het lichaam is wit. In het broedkleed zijn kop, hals en borst warm roestoranje; in het winterkleed, waarin de meeste vogels in het gidsgebied worden gezien, zijn die wit met een grijze waas. Het vrouwtje heeft een kortere, sterker gebogen snavel dan het mannetje. In de vlucht steken de poten ver achter de staart uit en valt het zwart-witte vleugelpatroon van ver op.

Verwarrings­soorten

De Amerikaanse steltkluut Himantopus mexicanus is zwart van boven en wit van onder, met een rechte naaldsnavel en veel langere, roze poten. De marmergrutto Limosa fedoa foerageert vaak in vergelijkbare groepjes, maar is warmbruin, met een dikkere, tweekleurige snavel en zonder zwart-wit in de vleugel. De grote geelpootruiter Tringa melanoleuca is grijs gespikkeld, met gele poten en een rechte of nauwelijks opgewipte snavel.

Leefgebied

Ondiep, vaak zout of brak water met kale oevers: zoutpannen, lagunes, getijdenslikken, binnenlandse zoutmeren, ondergelopen rijstvelden en waterzuiveringsbekkens, van de kust tot op de hoogvlakte. Foerageert lopend door ondiep water door de snavel met zijwaartse, maaiende bewegingen door water en bovenste sliblaag te halen, en pikt daarnaast prooien van het oppervlak. Eet vooral kleine kreeftachtigen, insectenlarven en andere ongewervelden. Vaak in groepen, soms tussen andere steltlopers. Het nest is een ondiep kuiltje op een kale oever of eilandje, vaak in losse kolonies.

Verspreiding en trek

Broedt plaatselijk in het noorden van Mexico en op de hoogvlakte, vooral bij ondiepe, vaak zoute meren in het binnenland. In de winter talrijk langs de kusten van Baja California en de Golf van Californië, langs de Pacifische kust zuidelijk tot Nayarit, aan de Golfkust en op de meren van het centrale hoogland; in kleiner aantal tot Oaxaca, Chiapas en het schiereiland Yucatán. In Midden-Amerika een schaarse wintergast in Guatemala, El Salvador en Honduras, zeldzaam in Nicaragua en Costa Rica en een dwaalgast in Panama. Buiten het gidsgebied broedt hij in het westen en midden van Noord-Amerika en overwintert hij ook langs de kusten van de Verenigde Staten.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. apr–sep)
  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Goede plekken in de winter zijn de lagunes en zoutpannen van Baja California, zoals bij Guerrero Negro, de kustlagunes van Sinaloa en Nayarit en de restanten van het meer van Texcoco bij Mexico-Stad. Een groepje kluten valt op afstand op doordat de vogels in hetzelfde ritme lopen en maaien. De opgewipte snavel is pas van dichterbij goed te zien; in de vlucht is het vleugelpatroon het zekerste kenmerk.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De wereldpopulatie wordt als stabiel beschouwd. In Mexico hangt de soort af van ondiepe zoute en brakke wetlands langs de kust en op de hoogvlakte; ontwatering, het opvullen van kustlagunes en het uitdrogen van binnenlandse meren zijn de belangrijkste bedreigingen.

Wetenschappelijke naam

Recurvirostra americana | Gmelin, 1789

Gmelin beschreef de soort in 1789 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Recurvirostra werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Recurvirostra is Latijn, van recurvus 'naar boven gebogen' en rostrum 'snavel', naar de opgewipte snavel. americana is Latijn voor 'Amerikaans'. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Noord-Amerika.