Alle soorten › Zangvogels › Kardinaalachtigen › Roodkoptangare

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Roodkoptangare | Piranga erythrocephala

Red-headed Tanager | Tángara cabeza roja

De roodkoptangare is een kleine Piranga-tangare van de bergbossen van Mexico. Het mannetje heeft een rode kop en keel boven een olijfgele romp; het vrouwtje is olijfgeel zonder rood. De soort is endemisch in Mexico en leeft vooral in pijn-eikenbos en vochtig bergbos.

Roodkoptangare (Piranga erythrocephala)
Foto: dominic sherony — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

De zang is een vrij snelle, kwetterende reeks fluitende noten, wat minder rijk dan die van grotere tangaren. De roep is een droog tsjet of een korte, dalende fluittoon.

Luister: ZangXC977872

Opname: Matthew L. Brady — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

14–15 cm. Kleine, compacte tangare met een vrij korte, dikke grijze snavel. Het mannetje heeft een rode kop en keel met donkere teugels; rug olijfgrijs, stuit en onderdelen olijfgeel tot geel, buik lichter. Vleugels en staart donker olijfgrijs zonder vleugelstrepen. Het vrouwtje is van boven olijfgroen en van onderen geel, met een gelere keel en voorhoofd. Jonge mannetjes lijken op het vrouwtje met wat oranjerood aan de kop.

Verwarrings­soorten

De levertangare Piranga flava is groter, met een donkere snavel en bij het mannetje een geheel roodachtig lichaam. Het vrouwtje van de louisianatangare Piranga ludoviciana heeft duidelijke vleugelstrepen. Het vrouwtje van de zomertangare Piranga rubra is groter, met een langere, lichte snavel en een warmere, okergele tint.

Leefgebied

Pijn-eikenbos, eikenbos en vochtig bergbos, vooral langs bosranden, in ravijnen en op open plekken met hoge bomen; vooral tussen 1200 en 3000 m. Buiten de broedtijd soms lager. Zoekt in de middenlaag en kronen naar insecten en vruchten, vaak in gemengde groepen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Endemisch in Mexico: in de Sierra Madre Occidental van het zuidoosten van Sonora en het zuidwesten van Chihuahua via Sinaloa, Durango en Nayarit tot Jalisco en Michoacán, en verder zuidoostwaarts in de bergen van de staat México, Morelos, Guerrero en Oaxaca.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Te zien in pijn-eikenbos en bergbos, bijvoorbeeld langs de Durango-Mazatlánweg bij Barranca Rancho Liebre of in de bergen bij Volcán de Fuego in Jalisco. Zoekt vaak met gemengde groepen in de middenlaag.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). Plaatselijk vrij algemeen in bergbos; gaat achteruit waar pijn-eikenbos wordt gekapt.

Wetenschappelijke naam

Piranga erythrocephala | (Swainson, 1827)

Swainson beschreef de soort in 1827 als Spermagra erythrocephala; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Piranga werd in 1808 ingevoerd door Vieillot. Piranga komt van het Tupi tijepiranga, de naam van een niet nader bekend vogeltje. erythrocephala is Grieks, van eruthros 'rood' en kephalē 'kop', naar de rode kop van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Temascaltepec, Mexico.