Alle soorten › Zangvogels › Wida's › Staalvink

Staalvink | Vidua chalybeata

Village Indigobird | Viuda senegalesa

De staalvink is een klein, glanzend zwart vinkje uit de Afrikaanse savanne dat als broedparasiet zijn eieren legt in de nesten van het vuurvinkje. In het gidsgebied is hij alleen bekend van enkele recente waarnemingen in het zuiden van de Algerijnse Sahara.

Staalvink (Vidua chalybeata)
Foto: Derek Keats from Johannesburg, South Africa — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Het mannetje zingt vanaf een vaste zangpost een snel, krassend en piepend gekwetter, doorspekt met nabootsingen van het vuurvinkje, zoals een dalend wiet-wiet en een zacht tsjrr-tsjrr. De roep is een droog tsjip.

Luister: ZangXC982686

Opname: Julien Birard — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

11–12 cm, klein en gedrongen met een korte staart. Het mannetje in broedkleed is geheel zwart met een blauwe tot blauwgroene glans en bruinzwarte vleugels. De snavel is bij vogels uit West-Afrika rood tot oranjerood, bij die uit de oostelijke Sahel wit; de poten zijn oranjerood tot roze. Het vrouwtje is warm bruin met donkere streping op de rug en een bleek beige onderzijde, met een lichte kruinstreep, donkere zijkruinstrepen en een lichte wenkbrauwstreep; haar snavel is licht hoornkleurig. Het mannetje buiten de broedtijd lijkt op het vrouwtje. Jonge vogels zijn egaal bruin.

Verwarrings­soorten

In het gebied komt geen andere staalvink voor; de Afrikaanse verwanten zijn alleen met zekerheid te scheiden op poot- en snavelkleur, glans en de nagebootste waardroep. Vrouwtjes lijken op die van de dominicanerwida (Vidua macroura), die een roze tot rode snavel en een duidelijker gestreepte kop heeft. Het vuurvinkje (Lagonosticta senegala), de waardvogel, is rood met witte stipjes op de flanken.

Leefgebied

Droge acaciasavanne, dorpen, tuinen en akkerranden met kale grond om op te foerageren, in de Sahara alleen in oases en begroeide wadi's. Bouwt geen eigen nest: het vrouwtje legt haar eieren in nesten van het vuurvinkje, waarvan de jongen samen met die van de waard worden grootgebracht. Eet vooral kleine graszaden, die het van de grond pikt.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de leefgebieden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Verspreiding en trek

Algerije: in 2021 en 2022 waargenomen in de regio Tamanrasset en zuidwaarts richting In Guezzam, als eerste vondsten voor het land; de waarnemers achtten ontsnapping uit gevangenschap waarschijnlijk, al ligt de Sahel dichtbij. Qatar: één vogel in 2022, ongetwijfeld een ontsnapte kooivogel. Elders in het gebied geen zekere gevallen. Daarbuiten wijdverspreid in de savanne van Afrika ten zuiden van de Sahara, van Senegal en Mauritanië oostwaarts tot Soedan en Ethiopië en zuidwaarts tot zuidelijk Afrika.

Hoe en wanneer kijken

Een glanzend zwart vinkje met een rode of witte snavel in een oase van Zuid-Algerije verdient een foto en, als het kan, een geluidsopname van de zang: de nagebootste roep van de waardvogel bevestigt de soort. Meld zo'n waarneming aan de nationale zeldzaamhedencommissie.

Staat van instandhouding

Wereldwijd niet bedreigd. In het gidsgebied een zeer zeldzame dwaalgast met alleen recente waarnemingen in Zuid-Algerije en Qatar; bij beide is ontsnapping uit gevangenschap waarschijnlijk.

Wetenschappelijke naam

Vidua chalybeata | (Müller, 1776)

Müller beschreef de soort in 1776 als Fringilla chalybeata; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Vidua werd in 1816 ingevoerd door Cuvier, GLCFD. Vidua is het Latijnse woord voor 'weduwe'. chalybeata is Latijn voor 'staalkleurig', van chalybs, 'staal' — naar de blauwzwarte glans van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Senegal (vervangend; oorspronkelijk abusievelijk Brazilië).