Alle soortenOoievaarachtigenOoievaars › Ooievaar

Ooievaar

Ciconia ciconia | White Stork | Cigüeña blanca

De ooievaar is de grote witte vogel die iedereen kent en die de vogelaar toch blijft boeien, omdat hij op thermiek reist en in enorme groepen de zeestraten passeert. Zijn terugkeer in Nederland is een van de zichtbaarste natuurherstelverhalen.

Ooievaar (Ciconia ciconia)
Foto: Carlos Delgado — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Vrijwel stemloos. Op het nest klepperen de partners bij de begroeting met de snavel, een droog ratelend kle-kle-kle-klepper met achterover gebogen kop, vooral van maart tot juli. Jongen sissen en piepen hees; verder hoor je van deze soort niets.

Luister: Klepperen met de snavelWikimedia Commons

Opname: felix.blume — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Herkenning

Groot en wit met zwarte slagpennen, een lange rechte rode snavel en lange rode poten. In vlucht is de hals gestrekt en de poten steken ver voorbij de staart; zweeft met vlakke vleugels en gespreide vingers, cirkelend in thermiek. Jonge vogels hebben een doffere, donkerder gepunte snavel en bruinzwarte slagpennen.

Verwarrings­soorten

Zwarte ooievaar is donker met witte buik en schuwer, meer aan bosbeken gebonden. Grote zilverreiger is kleiner, geheel wit en vliegt met ingetrokken hals. Kraanvogel is grijs, met zwart-witte kop, een pluimstaart en trekt trompetterend in V-formatie. Gestrekte hals plus rode snavel maakt het meteen duidelijk.

Leefgebied

Vochtig grasland, beekdalen, overstromingsvlakten en extensief boerenland met kikkers, muizen en grote insecten. Nestelt hoog en open: op palen, schoorstenen, kerktorens en hoogspanningsmasten, in Iberië vaak in kolonies op één kerk of eucalyptus.

Verspreiding en trek

Sterk in Iberië, Polen en Oost-Duitsland. De Nederlandse populatie is na een bijna volledig verdwijnen door herintroductie hersteld en broedt weer in beekdalen en polders. Trek gaat via twee routes om de Middellandse Zee heen: oostelijk over de Bosporus, westelijk over Straat Gibraltar.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • Doortrek
  • Trekrichting
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2024-08-01 – 2026-07-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Eind maart bij een nestpaal: dan klepperen de paren en bouwen ze zichtbaar. Voor het spektakel van de trek is augustus bij Tarifa het adres, rond het middaguur wanneer de thermiek staat en honderden vogels tegelijk over de zeestraat schroeven.

Staat van instandhouding

Sterk hersteld na de instorting in de twintigste eeuw, dankzij bescherming, herintroductie en het verdwijnen van de ergste vervolging. Verlies van vochtig grasland en gebruik van pesticiden blijven knellen, en aanvaring en elektrocutie aan leidingen kosten veel vogels het leven.