Alle soorten › Zangvogels › Palmtapuit

Palmtapuit | Dulidae

Palmchat | Cigua palmera

Deze familie telt één soort, de palmtapuit, die alleen op Hispaniola en enkele nabijgelegen eilandjes voorkomt. Het is een gedrongen zangvogel van bijna twintig centimeter met olijfbruine bovendelen, een groenige zweem op stuit en vleugels en een roomwitte onderzijde met dichte bruine lengtestrepen. De snavel is kort, zwaar en geelachtig, het oog rood. Palmtapuiten leven het hele jaar in luidruchtige groepen in open landschap met verspreide palmen, in tuinen, parken en droog bos, van de laaglanden tot in het middengebergte. Het voedsel bestaat vooral uit vruchten, bessen en bloemen. Kenmerkend is het gemeenschappelijke nest: een grote massa takjes, vaak in de kruin van een koningspalm, waarin meerdere paren elk een eigen kamer met eigen ingang hebben. Rond zo'n nest klinkt voortdurend gekwetter en gesnater. De familie wordt verwant geacht aan de pestvogels en de zijdevliegenvangers. In het gidsgebied is de soort door de combinatie van zware snavel, gestreepte borst en groepsgedrag met geen andere te verwarren.

Inheemse soorten 1 soort

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Dulus 1 soort