Alle soorten › Steltloperachtigen › Strandlopers en snippen › Bonte strandloper

Bonte strandloper | Calidris alpina

Dunlin | Correlimos común

De bonte strandloper is in Europa een van de talrijkste steltlopers, maar in het Caribisch gebied ligt de zuidrand van zijn overwinteringsgebied. De vogels die hier komen, behoren tot de Noord-Amerikaanse ondersoort hudsonia, die broedt aan de Hudsonbaai en vooral langs de Atlantische en Golfkust van de Verenigde Staten overwintert. Op de Bahama's en Cuba is hij plaatselijk vrij algemeen, op de meeste andere eilanden zeldzaam. Hij arriveert laat in het najaar.

Bonte strandloper (Calidris alpina)
Foto: Charles Homler d/b/a FocusOnWildlife — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een rauw, gerekt krrie of trrieh, vaak bij het opvliegen; groepen geven een zacht gekwetter.

Luister: VluchtroepXC1182257

Opname: Arjun Dutta — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

16–20 cm, gedrongen, met een vrij korte hals, zwarte poten en een lange zwarte snavel die aan de punt duidelijk naar beneden buigt. In winterkleed egaal bruingrijs op de bovendelen, kop en borst, met een vage lichte wenkbrauwstreep en een witte buik; de grijze borst is vrij scherp afgezet. In broedkleed, in het voorjaar soms al deels aanwezig, roestrood op de rug en met een grote zwarte buikvlek. In vlucht een witte vleugelstreep en een witte stuit met een donkere middenstreep.

Verwarrings­soorten

De krombekstrandloper Calidris ferruginea is slanker en hoger op de poten, met een gelijkmatig gebogen snavel en een geheel witte stuit. De alaskastrandloper Calidris mauri is kleiner, met een kortere snavel en een lichtere borst. De drieteenstrandloper Calidris alba is witter, met een kortere, rechte snavel en een zwarte vleugelboeg.

Leefgebied

Getijdenvlakten, modderbanken en slikkige randen van zoutpannen en lagunes, soms zandstranden. Foerageert in groepen, lopend en snel prikkend met de snavel diep in het slik.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

Wintergast, het talrijkst op de Bahama's en Cuba en in kleiner aantal op de Turks- en Caicoseilanden, de Kaaimaneilanden, Jamaica en Puerto Rico. Op Hispaniola, de Maagdeneilanden, de Kleine Antillen (onder meer Guadeloupe, Martinique, Barbados en Sint Kitts) en de ABC-eilanden een zeldzame of onregelmatige gast; van Trinidad en Tobago en San Andrés nauwelijks gemeld. Buiten het gebied broedt de soort rond de Noordpool en overwintert ze in Noord-Amerika, Europa, Noord-Afrika en Azië, vooral op het noordelijk halfrond.

  • Jaarrond
  • Wintergast (ca. apr–sep)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Wadplaten en zoutpannen op de Bahama's en de noordkust van Cuba in de winter, tussen groepen grijze strandlopers en kanoeten. Op de gebogen snavelpunt en de egaal grijze borst letten; buiten Cuba en de Bahama's is elke bonte strandloper een vermelding waard.

Staat van instandhouding

Wereldwijd gevoelig (Near Threatened), vanwege afnemende aantallen. In het gebied is de soort afhankelijk van ongestoorde wadplaten en zoutpannen.

Wetenschappelijke naam

Calidris alpina | (Linnaeus, 1758)

Linnaeus beschreef de soort in 1758 als Tringa alpina; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Calidris werd in 1804 ingevoerd door Merrem. Calidris gaat terug op het Griekse kalidris of skalidris, bij Aristoteles de naam van een niet nader bepaalde grijze oevervogel. alpina is Latijn voor 'van de hoge bergen'; het slaat hier op de toendra in het algemeen, niet op de Alpen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Lapland.