Alle soorten › Zangvogels › Vireo's › Geelgroene vireo
Geelgroene vireo | Vireo flavoviridis
Yellow-green Vireo | Vireo verdiamarillo
De geelgroene vireo is de tropische tegenhanger van de roodoogvireo. Hij broedt van het uiterste zuiden van Texas en Mexico tot Panama en overwintert in het westen van het Amazonebekken en langs de oostflank van de Andes. In het Caribisch gebied is hij een zeer zeldzame dwaalgast; in 2018 werd hij voor het eerst op Aruba gefotografeerd.
Geluid
De zang is een herhaling van korte frasen zoals die van de roodoogvireo, maar sneller en met kortere pauzes, iets als vieri vier vieri. De roep is een nasaal mjèh. Dwaalgasten zijn meestal stil.
Opname: Noah Khanti Steinberg — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
14–15 cm, slank, met een vrij lange, zware snavel die van onderen licht is. Bovendelen helder geelgroen; de kruin is grijs met slechts een vage donkere rand. Een witachtige wenkbrauwstreep en een donkere oogstreep geven een minder scherpe koptekening dan bij de roodoogvireo. Onderdelen wit, met heldergele flanken en onderstaartdekveren; ook de kopzijden hebben vaak een gele zweem. Iris roodbruin bij volwassen vogels, bruin bij jonge. Geen vleugelstrepen. De seksen zijn gelijk.
Verwarringssoorten
De roodoogvireo Vireo olivaceus lijkt het meest op deze soort; sommige vogels zijn zelfs in de hand niet met zekerheid te onderscheiden. Die heeft doffer olijfgroene bovendelen, een duidelijk zwartgerande grijze kruin, een scherpere wenkbrauwstreep en minder en bleker geel op flanken en onderstaart. De baardvireo Vireo altiloquus heeft een donkere baardstreep en een bruinere kruin. De Philadelphiavireo Vireo philadelphicus is kleiner, met een korte snavel en een gele keel.
Leefgebied
In het broedgebied halfopen bos, bosranden, plantages, dorpen en tuinen met bomen in het laagland. Foerageert in het bladerdak op insecten en eet daarnaast veel vruchten. Dwaalgasten in het gebied zijn te verwachten in bomen in tuinen, parken en kustbos.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.
Verspreiding en trek
Gevallen op Aruba (gefotografeerd, gepubliceerd in november 2018) en Guadeloupe. Verdere gevallen op de eilanden zijn mogelijk, maar waarnemingen moeten goed gedocumenteerd zijn vanwege de gelijkenis met de roodoogvireo. Buiten het gebied broedend van het zuiden van Texas door Mexico en Midden-Amerika tot Panama; overwintert in het noorden van Zuid-Amerika, vooral in het westen van het Amazonebekken.
Hoe en wanneer kijken
De ABC-eilanden en de westelijke eilanden dicht bij Midden-Amerika liggen het dichtst bij de trekroute. Elke vireo met felgele flanken en onderstaart en een vage koptekening verdient een goede foto van kop, flanken en onderstaart.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd. De soort heeft een groot verspreidingsgebied en is in het broedgebied algemeen. In het Caribisch gebied een zeer zeldzame dwaalgast.
Wetenschappelijke naam
Vireo flavoviridis | (Cassin, 1851)
Cassin beschreef de soort in 1851 als Vireosylvia flavoviridis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Vireo werd in 1808 ingevoerd door Vieillot. Vireo werd door Latijnse schrijvers gebruikt voor een kleine, groene trekvogel, waarschijnlijk de wielewaal; ook de groenling is voorgesteld. flavoviridis is Latijn, van flavus 'geel' en viridis 'groen', naar de geelgroene tinten. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit San Juan de Nicaragua, Nicaragua.



