Alle soorten › Zangvogels › Spindalissen › Puerto Ricaanse spindalis

Puerto Ricaanse spindalis | Spindalis portoricensis

Puerto Rican Spindalis | Reina mora

De Puerto Ricaanse spindalis is een van de vier spindalissen, een familie van vruchtenetende zangvogels die alleen in het Caribisch gebied voorkomt. Hij is algemeen over het hele hoofdeiland van Puerto Rico, van bos tot stadstuinen. Op Puerto Rico heet hij reina mora.

Puerto Ricaanse spindalis (Spindalis portoricensis)
Foto: Matt Felperin — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Mannetjes zingen vanaf hoge zitplaatsen, vaak in de boomtoppen, een lange reeks hoge, dunne, sissende tonen in een regelmatig ritme, met frequenties van 8 kHz en hoger. Daarnaast een snel twiet en een kort tsji tsji tsji. Vrouwtjes geven een zachte fluisterzang vanuit dichte, lage begroeiing.

Luister: ZangXC682523

Opname: Rainforest Connection — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

16–17 cm, met een korte, dikke snavel. Het mannetje is geelgroen van boven, met zwartachtige vleugels en staart met lichte randen. De kop is zwart met twee witte strepen: een wenkbrauwstreep tot in de nek en een baardstreep. Over de achterhals loopt een oranje halsband; keel en borst zijn geeloranje, de buik lichter. Het vrouwtje is veel doffer: olijfgroen tot grijsbruin van boven, met een vage witte wenkbrauwstreep en vuilwitte onderdelen met bruine streepjes op keel en borst.

Verwarrings­soorten

Op Puerto Rico geen andere spindalis. De Puerto Ricaanse troepiaal Icterus portoricensis is zwart met gele schouders, stuit en onderstaart, en heeft een spitse snavel. Het Puerto Ricaans dikbekje Melopyrrha portoricensis is zwart met een roodbruine keel, wenkbrauw en onderstaart. Het vrouwtje kan aan de gestreepte borst, de vage wenkbrauwstreep en de dikke snavel worden herkend; de Puerto Ricaanse vireo Vireo latimeri is kleiner, ongestreept, met een dunne snavel.

Leefgebied

Vochtig bos, regenwoud en bergbos, droger bos in mindere mate, en daarnaast plantages, boomgaarden, tuinen en stedelijk groen. Zelden boven 1000 m. Eet vooral vruchten, met als belangrijkste die van de yagrumo macho Schefflera morototoni, aangevuld met insecten en kleine hagedissen. Het nest is een kom van plantenmateriaal; het legsel telt twee tot vier lichtblauwe eieren met bruine vlekken.

Verspreiding en trek

Alleen op het hoofdeiland van Puerto Rico, over het hele eiland. Buiten Puerto Rico komt de soort niet voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

In vrijwel elk bos op Puerto Rico, zoals El Yunque en het bos van Maricao, maar ook in parken en tuinen in San Juan. Vruchtdragende bomen zijn de beste plek. De hoge, ritmische zang is het eerste aanknopingspunt; het zingende mannetje zit vaak bovenin een boom.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De populatie geldt als stabiel, en de soort past zich goed aan plantages, tuinen en stedelijk groen aan.

Wetenschappelijke naam

Spindalis portoricensis | (Bryant, 1866)

Bryant beschreef de soort in 1866 als Tanagra portoricensis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Spindalis werd in 1837 ingevoerd door Jardine & Selby. Spindalis komt van het Griekse spindalos of pindalos, een onbekende Indiase vogel die verwant zou zijn aan de attagas (een hoen). portoricensis is Latijn voor 'van Puerto Rico', het eiland waar de soort voorkomt. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Puerto Rico.