Alle soorten › Zangvogels › Boomklevers

Boomklevers | Sittidae

Nuthatches | Trepadores

Kleine, gedrongen vogels met een grote kop, een korte hals en een kort, recht afgesneden staartje, en met een lange, rechte, spitse snavel die als een beitel in schorsspleten wordt gezet. De poten zijn kort en zwaar en dragen lange, sterk gebogen nagels; daarmee klimmen ze net zo gemakkelijk met de kop naar beneden een stam af als omhoog, zonder de staart als steun te gebruiken. In Mexico en Midden-Amerika is de familie klein en beperkt tot Mexico: de witborstboomklever en de dwergboomklever leven in de dennen- en eikenbossen van de bergen, en de roodborstboomklever is een schaarse en onregelmatige wintergast in het noorden. Ze foerageren op stammen en takken, waar ze insecten en spinnen uit spleten peuteren, en eten ook zaden, die ze in een schorsspleet klemmen, met de snavel openhakken en in voorraad wegbergen. Alle soorten broeden in een boomholte; de roodborstboomklever smeert hars rond de ingang. De dwergboomklever leeft het hele jaar in groepjes, slaapt met vele vogels samen in één holte en krijgt bij het broeden vaak hulp van andere volwassen vogels. De stem bestaat uit eenvoudige, herhaalde, wat nasale tonen en snelle piepreeksen.

Inheemse soorten 3 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Sitta 3 soorten