Alle soorten › Zangvogels › Boomklevers › Witborstboomklever

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Witborstboomklever | Sitta carolinensis

White-breasted Nuthatch | Sita pecho blanco

De witborstboomklever is de grootste boomklever van het gidsgebied, met een zwarte kruin en een helderwit gezicht en een witte borst. Zoals alle boomklevers klimt hij zowel omhoog als met de kop naar beneden langs stammen en takken. In Mexico leeft hij als standvogel in eiken- en pijn-eikenbos in de bergen.

Witborstboomklever (Sitta carolinensis)
Foto: Ron Knight from Seaford, East Sussex, United Kingdom — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Nasale, herhaalde roepen als jenk of jank. De zang is een snelle reeks gelijke, fluitende tonen, wi-wi-wi-wi.

Luister: ZangXC1038731

Opname: Richard E. Webster — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

13–15 cm. Kruin en nek glanzend zwart bij het mannetje, bij het vrouwtje doffer en grijzer. Gezicht rond het oog en onderdelen wit, onderstaart en achterflanken roestbruin. Rug blauwgrijs, staart kort met wit in de buitenste veren. Snavel lang, recht en puntig, met de ondersnavel iets opgewipt.

Verwarrings­soorten

De dwergboomklever Sitta pygmaea is veel kleiner, met een grijsbruine kap tot aan het oog en vaalgele onderdelen. De canadese boomklever Sitta canadensis is kleiner, met een zwarte oogstreep, een witte wenkbrauwstreep en roestkleurige onderdelen.

Leefgebied

Open eikenbos en pijn-eikenbos in de bergen, ook oeverbos met grote bomen en bosranden; vooral waar oude eiken staan. Zoekt op schors en takken naar insecten en hun larven en eet ook zaden en eikels, die hij soms in schorsspleten klemt om ze open te hakken. Nestelt in een boomholte.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied in de bergen van Mexico: het noorden van Baja California en de Sierra de la Laguna in het zuiden van het schiereiland, de Sierra Madre Occidental, de Sierra Madre Oriental en de vulkaangordel van Midden-Mexico, zuidelijk tot in Oaxaca. Buiten het gidsgebied in een groot deel van de Verenigde Staten en het zuiden van Canada.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Vaak te vinden in gemengde groepen met mezen en zangers in eikenbos. Let op de nasale roep en op een vogel die met de kop naar beneden langs een stam afdaalt.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Wijdverbreid en in geschikt bos vrij algemeen.

Wetenschappelijke naam

Sitta carolinensis | Latham, 1790

Latham beschreef de soort in 1790 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Sitta werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Sitta is de Oudgriekse naam sittē voor de boomklever. carolinensis betekent 'uit Carolina', naar de typelocatie in South Carolina. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit South Carolina, VS.