Alle soorten › Tinamoeachtigen › Tinamoes

Tinamoes | Tinamidae

Tinamous | Tinamúes

In Mexico en Midden-Amerika komen zes soorten in drie geslachten voor: Tinamus en Crypturellus in vochtig en droog laaglandbos, Nothocercus in het bergwoud van Costa Rica en Panama. Tinamoes lijken op een kruising van een patrijs en een ral: een rond lichaam, een dunne hals, een kleine kop met een slanke, licht gebogen snavel en een zeer korte staart die onder de veren verdwijnt. Het verenkleed is bruin, grijs of roestkleurig, vaak fijn gebandeerd, en de seksen lijken op elkaar. Ze lopen rustig over de bosbodem en pikken vruchten, zaden en ongewervelden op; bij gevaar drukken ze zich of rennen weg, en pas op het laatste moment vliegen ze met luid klapperende vleugels op. Hun stem bestaat uit zuivere, trillende of dalende fluittonen die vooral in de schemering klinken en tot de karakteristieke geluiden van het regenwoud behoren. Het mannetje broedt de eieren uit op de kale grond tussen wortels of afgevallen blad en zorgt alleen voor de jongen, die vrijwel direct kunnen lopen. De eieren zijn effen en glanzen als porselein, bij de Grote Tinamoe turquoise, bij andere soorten paarsachtig of chocoladebruin.

Inheemse soorten 6 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Nothocercus 1 soort

Tinamus 1 soort

Crypturellus 4 soorten