Alle soorten › Zangvogels › Vireo's › Bruinflankklauwiervireo
Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae
Bruinflankklauwiervireo | Vireolanius melitophrys
Chestnut-sided Shrike-Vireo | Vireón pecho castaño
De bruinflankklauwiervireo is de grootste vireo van het gidsgebied: een forse, zwaargesnavelde soort van bergbos in Mexico en Guatemala. Hij houdt zich hoog in de kronen op en is vaak lastig te zien.
Geluid
De zang is een luide, wat klagende fluittoon die met tussenpozen wordt herhaald; vaak de eerste aanwijzing voor de aanwezigheid.
Opname: Manuel Grosselet — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
16–18 cm. Kruin en nek grijs, lange gele wenkbrauwstreep en een zwarte oogstreep; keel wit met een zwarte baardstreep. Bovendelen olijfgroen. Onderdelen wit met een brede kastanjebruine band over de borstzijden en flanken. Oog licht. Snavel zwaar met een haakpunt.
Verwarringssoorten
De roodbrauwpeperklauwier Cyclarhis gujanensis heeft eveneens een zware snavel, maar een roodbruine wenkbrauw, geen zwarte oog- en baardstreep, een gele borst en geen kastanjebruine flanken. Andere vireo's in het bergbos zijn veel kleiner en hebben een dunnere snavel.
Leefgebied
Pijn-eikenbos, eikenbos en nevelwoud in de bergen, meestal tussen ongeveer 1500 en 3000 m. Zoekt traag in de kronen naar grote insecten, soms in gemengde groepen.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.
Verspreiding en trek
Endemisch voor het gidsgebied: de bergen van West-, Midden- en Zuid-Mexico en de hooglanden van Guatemala.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Het best te vinden op de zang; de vogel zit vaak lang stil in het bladerdak.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd. Vrij schaars en plaatselijk; afhankelijk van bergbos met hoge bomen.
Wetenschappelijke naam
Vireolanius melitophrys | Bonaparte, 1850
Bonaparte beschreef de soort in 1850 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Vireolanius voerde hij in datzelfde werk in. Vireolanius combineert Vireo met Lanius, het geslacht van de klauwieren, naar de forse, klauwierachtige snavel met haakpunt. melitophrys is Grieks, van meli, melitos 'honing' en ophrus 'wenkbrauw', naar de gele wenkbrauwstreep. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Mexico; later beperkt tot Xico bij Xalapa, Veracruz.

