Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Grijskruintiran

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Grijskruintiran | Myiozetetes granadensis

Grey-capped Flycatcher | Bienteveo cabecigrís

De grijskruintiran is een kiskadie-achtige tiran met een grijze kop zonder lange witte wenkbrauwstreep, wat hem onderscheidt van de verwante roodkruintiran. Hij leeft aan bosranden, open plekken en oevers in vochtige streken. In het gidsgebied komt hij voor van het oosten van Honduras tot Panama.

Grijskruintiran (Myiozetetes granadensis)
Foto: TonyCastro — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Scherpe, korte roepen zoals kip of kip-kip, vaak gevolgd door een luider kie-jieuw, en een rollend pirrr. Paren roepen veel naar elkaar.

Luister: ZangXC1183747

Opname: JAYRSON ARAUJO DE OLIVEIRA — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

16–17 cm, met een korte, stompe zwarte snavel. Kop grijs, met een smalle witte lijn over het voorhoofd en een korte witte streep achter het oog, maar zonder doorlopende wenkbrauwstreep; teugel en oorstreek iets donkerder grijs. Het mannetje heeft een verborgen oranjerode kruinvlek, die bij het vrouwtje kleiner is of ontbreekt. Rug olijfgroen, vleugels en staart donkerder met smalle lichte randen. Keel wit, rest van de onderdelen helder geel.

Verwarrings­soorten

De roodkruintiran Myiozetetes similis en de roestvleugeltiran Myiozetetes cayanensis hebben een donkere kruin en masker met een brede witte wenkbrauwstreep. De witringtiran Conopias albovittatus heeft een zwarte kruin met een witte band die helemaal rondloopt. De grote kiskadie Pitangus sulphuratus is veel groter, met een zwart-wit gestreepte kop.

Leefgebied

Randen van vochtig bos, open plekken met losse bomen, oud secundair bos, oevers van rivieren en meren, weiland met bomen en tuinen bij het bos, in het laagland en de voetheuvels tot ongeveer 1200 m. Zit meestal hoog op een uitstekende tak, jaagt op insecten en eet veel kleine vruchten. Bouwt een overkoepeld nest, vaak in een boom boven water.

Verspreiding en trek

Aan de Caribische kant van het oosten van Honduras door Nicaragua en Costa Rica tot Panama; in het zuiden van Costa Rica en in Panama ook aan de Pacifische kant. Buiten het gidsgebied in het westen van Colombia en Ecuador en in het westen van het Amazonegebied, tot in het noorden van Bolivia en het westen van Brazilië.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Gewoon aan bosranden en langs rivieren in de Caribische laaglanden van Costa Rica, bijvoorbeeld rond La Selva. De grijze kop zonder lange wenkbrauwstreep is het beste kenmerk wanneer hij naast roodkruintirannen zit.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Wijdverbreid en in geschikt half open land bij bos algemeen.

Wetenschappelijke naam

Myiozetetes granadensis | Lawrence, 1862

Lawrence beschreef de soort in 1862 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Myiozetetes werd in 1859 ingevoerd door Sclater. Myiozetetes is Grieks, van muia 'vlieg' en zētētēs 'zoeker': 'vliegenzoeker'. granadensis verwijst naar Nieuw-Granada, de oude naam voor Colombia en omgeving (inclusief Panama). Het eerst beschreven exemplaar kwam uit landengte van Panama.