Alle soorten › Zangvogels › Kraaiachtigen › Incagaai

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Incagaai | Cyanocorax yncas

Green Jay | Chara verde

De incagaai is een middelgrote, groen-gele gaai met een blauwe kop en een zwarte keel, die in luidruchtige groepjes door het struikgewas en de bosranden trekt. Ondanks de felle kleuren valt hij in het gebladerte vaak weinig op. In het gidsgebied leeft hij in Mexico, Belize, Guatemala en Honduras.

Incagaai (Cyanocorax yncas)
Foto: Dilankf — CC BY 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Zeer gevarieerd. Een snel, raspend tsjet-tsjet-tsjet, droge ratels, een metalig, klinkend kling en allerlei nasale en piepende geluiden; groepen maken veel lawaai.

Luister: RoepXC1182793

Opname: Juan Freile — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

25–29 cm, met een vrij lange staart. Bovendelen helder groen, onderdelen geel tot groengeel. Kruin en nek blauw, aan de voorkant van de kop vaak lichter blauw tot witachtig; een blauwe vlek boven en onder het oog. Keel, borstslab en zijkant van de kop zwart. Middelste staartpennen groen, buitenste staartpennen geel, wat vooral in vlucht opvalt. Snavel en poten donker; iris donker bij de vogels van Mexico en Midden-Amerika. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

Geen andere gaai in het gidsgebied is groen en geel. De combinatie van zwarte keel, blauwe kop en gele buitenste staartpennen is kenmerkend. Groene papegaaien en parkieten hebben een korte, kromme snavel en vliegen anders.

Leefgebied

Bosranden, struikgewas, secundair bos en lichte delen van vochtig en droog bos, oeverbos, doornstruweel en tuinen, van de kust tot in de lagere bergen. Eet insecten en andere ongewervelden, kleine gewervelden, eieren, zaden, eikels en vruchten, en komt naar voederplaatsen. Leeft het hele jaar in familiegroepen.

Verspreiding en trek

In Mexico aan de Atlantische kant vanaf Nuevo León en Tamaulipas en aan de Pacifische kant vanaf Nayarit, zuidwaarts tot in Chiapas en over het schiereiland Yucatán; verder in Belize, het noorden van Guatemala en Honduras. Buiten het gidsgebied in het uiterste zuiden van Texas en, in een afzonderlijk gebied, in de Andes van Venezuela tot Bolivia. Die Zuid-Amerikaanse vogels hebben een gele iris en worden in sommige indelingen als een aparte soort beschouwd; de verspreidingskaart kan dan beide samen tonen.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Vaak te zien bij voederplaatsen van lodges en natuurparken in het oosten van Mexico en op het schiereiland Yucatán. Groepjes zijn meestal eerst te horen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Algemeen en past zich goed aan aan secundair bos en bebouwing met bomen.

Wetenschappelijke naam

Cyanocorax yncas | (Boddaert, 1783)

Boddaert beschreef de soort in 1783 als Corvus yncas; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Cyanocorax werd in 1826 ingevoerd door Boie. Cyanocorax is Grieks, van kuanos 'donkerblauw' en korax 'raaf': een 'blauwe raaf', naar de blauwe kleuren van veel soorten. yncas verwijst naar de Inca's, naar het oorspronkelijke herkomstgebied Peru. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Chilpes, Junín, Peru.