Alle soorten › Zangvogels › Vireo's › Kleine vireo

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Kleine vireo | Pachysylvia decurtata

Lesser Greenlet | Verdillo menor

De kleine vireo is een kleine, compacte, kortstaartige vireo van de kronen van vochtig bos. Hij is een van de vaste kernsoorten van gemengde groepen in het bladerdak en laat zich vooral horen. In het gidsgebied leeft hij van het zuidoosten van Mexico tot Panama.

Kleine vireo (Pachysylvia decurtata)
Foto: Dominic Sherony — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

De zang bestaat uit korte, snelle, herhaalde frasen van twee tot drie heldere tonen, vaak lang volgehouden vanuit de kronen.

Luister: ZangXC1174028

Opname: Juan Freile — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

10–11 cm; staart kort. Bovendelen olijfgroen; kop bij de meeste vogels in het gidsgebied grijs, in het oosten van Panama groener. Opvallende witte oogring, oog donker. Onderdelen witachtig met een geelachtige zweem op de flanken. Snavel vrij kort en licht.

Verwarrings­soorten

De okerkapvireo Tunchiornis ochraceiceps leeft in de onderlaag, is bruiner en heeft een okerkleurig voorhoofd en een licht oog. De struikvireo Hylophilus flavipes heeft een langere staart, een licht oog en geen oogring, en leeft in droog struweel. Vrouwtjes van sommige zangers lijken erop, maar zijn slanker en langerstaart.

Leefgebied

Kronen en bosranden van vochtig laagland- en voetheuvelbos, ook secundair bos, bomen in open terrein en schaduwkoffie. Zoekt actief tussen bladeren naar insecten, vaak in gemengde groepen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Van het zuidoosten van Mexico door Belize, Guatemala, Honduras, Nicaragua en Costa Rica tot Panama. Buiten het gidsgebied in het westen van Colombia en Ecuador tot in het noordwesten van Peru.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Vrijwel elke gemengde groep in de kronen van vochtig laaglandbos bevat er een of meer; de zang klinkt de hele dag.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Algemeen in vochtig bos en bosranden.

Wetenschappelijke naam

Pachysylvia decurtata | (Bonaparte, 1838) (GBIF: Hylophilus decurtatus)

Bonaparte beschreef de soort in 1838 als Sylvicola decurtata; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Pachysylvia werd in 1850 ingevoerd door Bonaparte. Pachysylvia combineert Grieks pakhus 'dik, gedrongen' met het geslacht Sylvia (grasmussen), naar de gedrongen bouw. decurtata is Latijn voor 'ingekort, afgeknot', naar de korte staart. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Guatemala.