Alle soorten › Trogonachtigen › Trogons › Massena's trogon
Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Roofvogels, uilen, ijsvogels en spechten Afroaves › Muisvogels, scharrelaars en spechten Coraciimorphae › Trogons en holenbroeders Cavitaves
Massena's trogon | Trogon massena
Slaty-tailed Trogon | Trogón cola oscura
Massena's trogon is de grootste roodbuikige trogon van de laaglanden van het gidsgebied en een algemene bewoner van vochtig bos, van het zuiden van Mexico tot Panama. Hij is te herkennen aan de oranjerode snavel en de effen leigrijze onderkant van de staart. De naam eert de Franse vogelverzamelaar Victor Masséna.
Geluid
Een lange, gelijkmatige reeks doffe, kakelende kauw- of koek-noten, tien tot meer dan twintig achter elkaar, zonder duidelijke versnelling. Daarnaast een zacht kakelend gekwetter.
Opname: Manuel Grosselet — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto
Herkenning
30–35 cm. Het mannetje is metaalgroen op kop, rug en borst, met een zwartachtig gezicht en keel, een rode buik en onderstaartdekveren en zonder witte borstband. De snavel en de kale oogring zijn oranjerood, het oog donker. De onderkant van de staart is effen donker leigrijs. Het vrouwtje is leigrijs waar het mannetje groen is, met een rode buik, een oranjerode ondersnavel en een donkere bovensnavel.
Verwarringssoorten
De rasterstaarttrogon Trogon clathratus (Costa Rica en het westen van Panama) heeft een lichte iris, een gele snavel en een fijn zwart-wit gestreepte staartonderkant. De zwartstaarttrogon Trogon melanurus (Panama) heeft een witte band tussen de groene borst en de rode buik, een gele snavel en een zwarte staartonderkant. De gekraagde trogon Trogon collaris en bairds trogon Trogon bairdii zijn kleiner; de eerste heeft een witte borstband en een gebandeerde staartonderkant, de tweede een blauwe oogring en een witte staartonderkant.
Leefgebied
Vochtig laaglandbos en voetheuvelbos tot ongeveer 1200 m, hoog secundair bos, bosranden, moerasbos, galerijbos en mangrove. Zit rechtop en lang stil in de middelste en hogere boomlaag en eet vruchten en grote insecten, die in een korte vlucht van tak of blad worden gegrepen. Graaft zijn nest uit in een termietennest in een boom of in rottend hout.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.
Verspreiding en trek
Caribische en Golflaaglanden van het zuiden van Veracruz en het noorden van Oaxaca door Tabasco, Chiapas, het zuiden van Campeche en Quintana Roo, Belize en Guatemala tot Honduras, Nicaragua en Costa Rica; in het zuidwesten van Costa Rica ook aan de Pacifische kant. In Panama aan beide kanten tot Darién. Buiten het gidsgebied in het westen van Colombia en het noordwesten van Ecuador.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Algemeen langs de Camino del Oleoducto (Pipeline Road) in Soberanía in Panama, bij La Selva in Costa Rica en in Tikal in Guatemala. De reeks doffe kauw-noten klinkt vaak ver door het bos.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd. Verdwijnt waar het laaglandbos gekapt wordt, maar komt ook in hoog secundair bos voor.
Wetenschappelijke naam
Trogon massena | Gould, 1838
Gould beschreef de soort in 1838 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Trogon werd in 1760 ingevoerd door Brisson. Trogon is Grieks, van trōgōn 'knagend, vruchten etend'. massena eert de Franse vogelverzamelaar Victor Masséna (1799–1863), hertog van Rivoli en prins van Essling. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Mexico.






