Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Okerkleurige piewie

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Okerkleurige piewie | Contopus ochraceus

Ochraceous Pewee | Pibí ocráceo

De okerkleurige piewie is een zeldzame, weinig bekende piewie van het hooggebergte van Costa Rica en het westen van Panama. Hij heeft een kuif, een olijfkleurige rug en een warm okerkleurige onderzijde. De soort leeft in een klein gebied en wordt zelden gezien.

Okerkleurige piewie (Contopus ochraceus)
Foto: Ryan F. Mandelbaum — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Weinig vastgelegd. Roept met korte, herhaalde fluittonen; de zang is nauwelijks beschreven.

Luister: ZangXC643644

Opname: Jorge Gabriel Campos — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

16–17 cm, met een spitse kuif en lange vleugels. Bovendelen olijfbruin, kruin iets donkerder. Keel en onderdelen okerbruin tot geelbruin, op de borst getint met olijf, naar de onderbuik lichter. Vleugels donker met twee vage, bleek okerkleurige vleugelstrepen. Ondersnavel oranjegeel, bovensnavel donker. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De noordelijke kuiftiran Mitrephanes phaeocercus lijkt sterk in kleur en heeft ook een kuif, maar is duidelijk kleiner, met een korte, smallere snavel, en trilt vaak met de staart. De barrancapiewie Contopus lugubris is veel donkerder, roetkleurig grijs, zonder okerkleur op de onderzijde. De sparrenpiewie Contopus cooperi (doortrekker en wintergast) heeft een donker vest met een witte middenstreep.

Leefgebied

Hoog bergregenwoud en eikenbos, ongeveer tussen 2000 en 3000 m, vooral aan randen van het bos, op open plekken met hoge bomen en langs beekdalen. Zit vaak hoog op een uitstekende tak en vangt van daaruit vliegende insecten.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Endemisch voor het gidsgebied: de hooglanden van Costa Rica (Cordillera Central en Cordillera de Talamanca) en het westen van Panama (Chiriquí).

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Zeldzaam en onregelmatig; de meeste waarnemingen komen uit het eikenbos van de Talamanca, onder meer rond de vallei van de Savegre. Let op een piewie met een kuif die hoog en roerloos aan een bosrand zit.

Staat van instandhouding

Wereldwijd als niet bedreigd beoordeeld, maar het verspreidingsgebied is klein en de vogel is overal zeldzaam. Over aantallen en trends is weinig bekend; het grootste deel van het leefgebied ligt in beschermde gebieden.

Wetenschappelijke naam

Contopus ochraceus | Sclater & Salvin, 1869

Sclater & Salvin beschreef de soort in 1869 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Contopus werd in 1855 ingevoerd door Cabanis. Contopus is Grieks, van kontos 'paal, schacht' en pous 'voet', naar de korte poten. ochraceus is Nieuwlatijn voor 'okerkleurig', naar de okerbruine onderdelen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Costa Rica.