Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Panamese looftiran

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Panamese looftiran | Phylloscartes flavovirens

Panama Tyrannulet | Orejerito verdiamarillo

De Panamese looftiran is een kleine, groen-gele tiran van de boomkronen van vochtig bos, die alleen in Panama voorkomt. Hij is onopvallend en wordt meestal gezien in gemengde groepen insecteneters hoog in de bomen.

Panamese looftiran (Phylloscartes flavovirens)
Foto: Anthony Batista — CC BY 4.0 · iNaturalist

Geluid

De stem is weinig beschreven. Er worden hoge, dunne roepen gemeld.

Luister: AlarmroepXC719813

Opname: Nunes D´Acosta — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

11 cm, met een vrij lange staart en een kleine, smalle, donkere snavel. Bovendelen olijfgroen. Teugel en een smalle oogring geelachtig. Vleugels donker met twee geelachtige vleugelstrepen en gele randen aan de slagpennen. Onderdelen geel, op de borst met een olijfkleurige waas. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk. Zit vaak horizontaal op een tak, soms met de staart iets opgeheven.

Verwarrings­soorten

De gele looftiran Capsiempis flaveola heeft een helderder gele kop en onderzijde en leeft lager, in struweel en bosranden. De geelkruinvliegenpikker Tyrannulus elatus heeft een grijzere kop met een donkere kruin, een korte snavel en een kortere staart. De groene elenia Myiopagis viridicata is groter, met een grijzere kop en vage vleugelstrepen. De groenkapbreedbektiran Tolmomyias sulphurescens is groter, met een grijze kruin en een brede, platte snavel.

Leefgebied

Kronen en randen van vochtig laaglandbos en voetheuvelbos, ook hoger secundair bos. Zoekt actief tussen het blad naar kleine insecten en sluit zich vaak aan bij gemengde groepen van andere zangvogels.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Endemisch voor Panama: in het laagland aan de Pacifische kant en rond het kanaalgebied, oostwaarts tot in het oosten van Darién. Komt buiten Panama niet voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het kanaalgebied, zoals het Parque Nacional Soberanía, biedt de beste kans. Let in de kronen op gemengde groepen; de soort valt pas op als hij tussen het blad beweegt.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd volgens de IUCN, maar met een klein verspreidingsgebied en in het veld weinig waargenomen. Afhankelijk van bos en daardoor gevoelig voor ontbossing.

Wetenschappelijke naam

Phylloscartes flavovirens | (Lawrence, 1862)

Lawrence beschreef de soort in 1862 als Leptopogon flavovirens; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Phylloscartes werd in 1860 ingevoerd door Cabanis & Heine. Phylloscartes is Grieks, van phullon 'blad' en skairō 'huppelen, dansen', naar het beweeglijke foerageren tussen het gebladerte. flavovirens is Latijn, van flavus 'geel' en virens 'groen', naar het geelgroene verenkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit langs de Panamaspoorlijn, Panama.