Alle soorten › Zangvogels › Tangaren › Roodbuiktangare

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Roodbuiktangare | Ramphocelus dimidiatus

Crimson-backed Tanager | Tangara dorsirroja

De roodbuiktangare is een donkerrode tangare met een zwarte vleugel en staart en een zilverwitte ondersnavel. Groepjes zijn algemeen in tuinen, struikgewas en langs bosranden in Panama. In het gidsgebied komt hij alleen in Panama voor.

Roodbuiktangare (Ramphocelus dimidiatus)
Foto: Félix Uribe from Rionegro, Antioquia, Colombia — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

De roep is een scherp tsjek of tsjip. De zang bestaat uit langzame, fluitende frasen zoals tsjie-wiet, vaak bij zonsopkomst herhaald.

Luister: ZangXC297985

Opname: Oscar Laverde — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

16–17 cm. Middelgrote tangare met een dikke snavel waarvan de ondersnavel sterk vergroot en zilverwit is bij het mannetje. Het mannetje heeft een donker kastanjerode tot bijna zwartrode kop, keel, borst en bovenrug, een helder karmijnrode onderrug, stuit en buik, en zwarte vleugels en staart. Het vrouwtje is doffer: donker roodbruin met een helderder rode stuit en buik en een donkere snavel.

Verwarrings­soorten

De roodrugtangare Ramphocelus passerinii (westen van Panama) is grotendeels zwart met alleen een rode stuit. Het mannetje van de vuurkraagtangare Ramphocelus sanguinolentus (westen van Panama) heeft een zwart gezicht en een zwarte buik. Rode tangares van het geslacht Piranga hebben een andere snavel en geen donkerrode kop.

Leefgebied

Bosranden, struikgewas, tuinen, parken, plantages, weilanden met bomen en mangroveranden, van zeeniveau tot ongeveer 1200 m; vooral in het drogere, Pacifische laagland. Mijdt gesloten bos.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied alleen in Panama, vooral aan de Pacifische kant vanaf Chiriquí oostwaarts, aan de Caribische kant in het centrale deel, en op de Pareleilanden en Coiba. Buiten het gidsgebied in het noorden en westen van Colombia en het noordwesten van Venezuela.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Algemeen in tuinen en parken van Panama-Stad en langs de wegen rond het Panamakanaal, bijvoorbeeld in het Parque Natural Metropolitano.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). Algemeen en profiteert van open terrein, tuinen en bosranden.

Wetenschappelijke naam

Ramphocelus dimidiatus | de Lafresnaye, 1837

De Lafresnaye beschreef de soort in 1837 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Ramphocelus werd in 1805 ingevoerd door Desmarest, A-G. Ramphocelus is Grieks, van rhamphos 'snavel' en koilos 'hol, concaaf', naar de opvallend gevormde, zilverwitte ondersnavel. dimidiatus is Latijn voor 'gehalveerd', naar het tweedelige kleed: donker kastanjerood voor, helderrood op stuit en buik. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Cartagena, Colombia.