Alle soorten › Genten en aalscholvers › Genten › Roodpootgent

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Keerkringvogels en watervogels Phaethoquornithes › Water- en moerasvogels Aequornithes

Roodpootgent | Sula sula

Red-footed Booby | Piquero patirrojo

De roodpootgent is de kleinste gent van het gidsgebied en de enige die in bomen en struiken broedt. Hij foerageert ver op open zee, vaak in de schemering, en komt alleen bij de kolonies dicht onder de kust. In het gidsgebied liggen de grootste kolonies aan de Pacifische kant, op het Cocoseiland en de Revillagigedo-eilanden; aan de Caribische kant is Half Moon Caye in Belize de bekendste kolonie.

Roodpootgent (Sula sula)
Foto: Charles J. Sharp — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Op zee stil. In de kolonie een rauw, raspend karrr en ratelende reeksen ra-ra-ra-ra.

Luister: AlarmroepXC998688

Opname: GABRIEL LEITE — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

66–77 cm; slanker en kleiner dan de andere genten, met een vrij lange, spitse staart. Volwassen vogels hebben helderrode poten, een lichtblauwe snavel en roze en blauwe naakte huid aan de snavelbasis. Er zijn verschillende kleurvormen. De witte vorm is wit met een gelige tint op kop en hals en zwarte hand- en armpennen, met een zwarte vlek bij de pols op de ondervleugel. De bruine vorm is egaal grijsbruin; bij de bruine vorm met witte staart zijn staart, stuit en onderstaartdekveren wit. Op Half Moon Caye zijn vrijwel alle vogels wit, aan de Pacifische kant overheersen de bruine vormen. Jonge vogels zijn egaal bruin met een donkere snavel en grijsachtige tot gelige poten; het volwassen kleed wordt in twee tot drie jaar bereikt.

Verwarrings­soorten

De maskergent Sula dactylatra en de nazcagent Sula granti zijn groter en forser, met een zwart masker, een zwarte staart en zwarte armpennen die een brede achterrand aan de hele vleugel vormen. De bruine gent Sula leucogaster en de cocosgent Sula brewsteri hebben een scherp afgetekende witte buik tegen een donkere borst en gele poten; jonge vogels van deze soorten hebben een lichtere buik, jonge roodpootgenten een egaal bruine onderkant. De blauwvoetgent Sula nebouxii heeft blauwe poten en een gestreepte, lichtbruine kop. Vrijwel elke gent die in een boom zit, is een roodpootgent.

Leefgebied

Open, diep tropisch water ver van de kust, waar de vogels vliegende vissen en inktvis vangen door schuin in het water te duiken of ze boven het water te pakken. Volgen ook schepen en rusten op tuigage en boeien. Broeden in kolonies in struweel, laag bos en mangrove op afgelegen eilanden, met een nest van takken in een boom of struik.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Aan de Pacifische kant broedt de soort op de Revillagigedo-eilanden, zoals Socorro en Clarión, en in grote aantallen op het Cocoseiland voor Costa Rica. Buiten de kolonies wordt hij op zee gezien voor de hele Pacifische kust van Mexico tot Panama, meestal ver uit de kust. Aan de Caribische kant ligt een grote kolonie op Half Moon Caye in Belize; verder is hij een schaarse gast op zee in de Golf van Mexico en de Caribische Zee. De vogels van de Pacifische kant behoren tot de ondersoort S. s. websteri, die van de Caribische kant tot de nominaatvorm S. s. sula. Buiten het gidsgebied in alle tropische oceanen.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. apr–sep)
  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Op Half Moon Caye zijn de broedende vogels vanaf een uitkijkplatform tussen de boomkruinen te zien; het eiland is per boot vanuit Belize te bereiken. Aan de Pacifische kant bieden pelagische tochten en boottochten naar het Cocoseiland de beste kansen. Een gent in een boom of op de tuigage van een schip is vrijwel altijd deze soort.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Kolonies zijn kwetsbaar voor ingevoerde roofdieren, verstoring en het kappen van broedbomen; op zee raken vogels verstrikt in vistuig. Half Moon Caye en het Cocoseiland zijn beschermd.

Wetenschappelijke naam

Sula sula | (Linnaeus, 1766)

Linnaeus beschreef de soort in 1766 als Pelecanus Sula; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Sula werd in 1760 ingevoerd door Brisson. Sula gaat terug op súla, het Oudnoorse en IJslandse woord voor de jan-van-gent; die naam ging over op de genten. sula komt van het Oudnoorse en IJslandse súla, de naam voor de jan-van-gent. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Barbados (later aangewezen).