Alle soorten › Zangvogels › Cotinga's › Sneeuwcotinga

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Sneeuwcotinga | Carpodectes nitidus

Snowy Cotinga | Cotinga níveo

De sneeuwcotinga is een witte cotinga van de kronen van vochtig laaglandbos aan de Caribische kant van Midden-Amerika. Het mannetje is van ver te zien als een witte stip op een kale boomtop. De soort leeft alleen van Honduras tot het westen van Panama en is daarmee een eindemiet van het gidsgebied.

Sneeuwcotinga (Carpodectes nitidus)
Foto: er-birds — CC BY 4.0 · iNaturalist

Geluid

Meestal stil; soms een zacht, kort tchk of piepend geluid.

Luister: RoepXC405999

Opname: Brendan Sloan — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

19–21 cm. Het mannetje is wit met een lichte blauwgrijze zweem op kruin en rug, een korte, donkergrijze snavel en een donker oog. Het vrouwtje is grijs op kop en rug en witachtig op de onderdelen, met donkergrijze vleugels met witte randen aan dekveren en tertials, en een donkere snavel. Ronde kop, korte staart en een golvende, duivachtige vlucht.

Verwarrings­soorten

De geelsnavelcotinga Carpodectes antoniae heeft een gele snavel en leeft aan de Pacifische kant; de witte cotinga Carpodectes hopkei is groter en leeft alleen in het oosten van Panama. Tityra's, zoals de maskertityra Tityra semifasciata, zijn grijswit met zwarte vleugels en staart en hebben rode naakte huid rond oog en snavelbasis.

Leefgebied

Kronen en randen van vochtig, altijdgroen laaglandbos, meestal beneden 500 m, plaatselijk hoger, ook moerasbos, hoog secundair bos en halfopen terrein met losse hoge bomen. Eet vooral vruchten. Zit vaak op kale takken boven het bladerdak. Buiten het broedseizoen zwerven de vogels plaatselijk op zoek naar vruchtdragende bomen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Caribisch laagland van het oosten van Honduras en Nicaragua, via Costa Rica tot het westen van Panama (Bocas del Toro). Komt buiten het gidsgebied niet voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Geregeld te zien in Tortuguero en in de laagvlakte van Sarapiquí in Costa Rica. Het loont om vanaf een boot of een open plek de hoogste kale boomtoppen af te speuren.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd, maar vrij schaars en plaatselijk; gaat achteruit waar laaglandbos aan de Caribische kant verdwijnt.

Wetenschappelijke naam

Carpodectes nitidus | Salvin, 1865

Salvin beschreef de soort in 1865 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Carpodectes voerde hij in datzelfde werk in. Carpodectes is Grieks, van karpos 'vrucht' en dēktēs 'bijter': 'vruchtenbijter', naar het fruitdieet. nitidus is Latijn voor 'glanzend, stralend', naar het sneeuwwitte verenkleed van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Tucurrique, Costa Rica.