Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Vorkstaartkoningstiran

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Vorkstaartkoningstiran | Tyrannus savana

Fork-tailed Flycatcher | Tirano tijereta gris

De vorkstaartkoningstiran is een koningstiran van open graslanden en savannen, met een zwarte kap, een lichtgrijze rug, witte onderdelen en een zeer lange, diep gevorkte zwarte staart. Hij zit op lage struiken, paaltjes en hekken en vangt van daaruit insecten. In het gidsgebied leeft hij plaatselijk van het zuidoosten van Mexico tot Panama.

Vorkstaartkoningstiran (Tyrannus savana)
Foto: Charles J. Sharp — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Droge, korte tik-geluiden en een snel, sputterend gekwetter, vaak in vlucht.

Luister: DuetXC1059176

Opname: JAYRSON ARAUJO DE OLIVEIRA — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

18–20 cm zonder de verlengde buitenste staartpennen; met staart zijn mannetjes 37–41 cm, vrouwtjes 28–30 cm. Kop zwart als een kap, met een verborgen gele kruinvlek. Rug lichtgrijs, vleugels donker grijsbruin. Onderdelen helder wit. Staart zwart en diep gevorkt, met buitenste pennen die bij het mannetje veel langer zijn dan bij het vrouwtje. Jonge vogels hebben een bruinere kap en een veel kortere staart; tijdens de rui kan de lange staart ontbreken.

Verwarrings­soorten

De zwaluwstaartkoningstiran Tyrannus forficatus heeft een lichtgrijze kop zonder zwarte kap, zalmroze flanken en een staart die van onderen grotendeels wit is. De koningstiran Tyrannus tyrannus heeft ook een zwartachtige kop en witte onderdelen, maar een donkere rug en een korte staart met een witte eindband, en is in het gidsgebied alleen doortrekker.

Leefgebied

Open savanne, pijnsavanne, weiland met verspreide struiken en bomen en de randen van moerassen, in het laagland. Jaagt vanaf een lage zitplaats op vliegende insecten en eet ook vruchten. Bouwt een open komnest in een struik of boom.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Plaatselijk in open laagland van het zuidoosten van Mexico door Belize, Guatemala, Honduras, Nicaragua en Costa Rica tot Panama. Buiten het gidsgebied in een groot deel van Zuid-Amerika; de zuidelijke broedvogels trekken in de zuidelijke winter naar het noorden van Zuid-Amerika.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. apr–sep)
  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Te zoeken in savannen en weilanden met lage struiken; de lange staart is in vlucht en op een paaltje al van ver te zien.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Plaatselijk algemeen in open terrein en profiteert van de omzetting van bos in weiland.

Wetenschappelijke naam

Tyrannus savana | Daudin, 1802

Daudin beschreef de soort in 1802 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Tyrannus werd in 1799 ingevoerd door De Lacépède. Tyrannus is Latijn (van Grieks turannos) voor 'tiran, alleenheerser', naar het agressieve gedrag waarmee deze vogels zelfs roofvogels verjagen. savana gaat terug op Buffons naam 'le Savana', omdat de vogel in (overstroomde) savannes leeft. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Río de la Plata en Montevideo, Uruguay.