Alle soorten › Zangvogels › Zwaluwen › Witdijzwaluw

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Witdijzwaluw | Atticora tibialis

White-thighed Swallow | Golondrina musliblanca

De witdijzwaluw is een kleine, donkere zwaluw van vochtig laaglandbos. Hij jaagt met een fladderende, wat onvaste vlucht laag boven open plekken, wegen en rivieren in het bos en rust op kale takken van dode bomen. In het gidsgebied komt hij alleen in Panama voor.

Witdijzwaluw (Atticora tibialis)
Foto: Hector Bottai — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Roept weinig; korte, hoge tsjirpjes.

Luister: VluchtroepXC1180206

Opname: Juan Freile — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

11–12 cm, met een licht gevorkte staart. Vrijwel geheel donker roetbruin, de onderdelen iets lichter grijsbruin en de stuit soms iets lichter dan de rug. De witte dijen zijn klein en alleen van dichtbij of bij een zittende vogel te zien. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De zuid-amerikaanse ruwvleugelzwaluw Stelgidopteryx ruficollis is groter, met een kaneelkleurige keel, een lichte stuit en een lichte buik. De noord-amerikaanse ruwvleugelzwaluw Stelgidopteryx serripennis is groter en heeft een witte buik. Kleine gierzwaluwen van het geslacht Chaetura hebben stijvere, smallere vleugels en een andere vlucht.

Leefgebied

Open plekken, wegen en rivieren in vochtig laaglandbos en voetheuvelbos, en bosranden met dode bomen. Jaagt laag op kleine vliegende insecten. Broedt in holtes, onder meer in oeverwallen en wegtaluds.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied alleen in Panama, vooral in het gebied van het Panamakanaal en verder oostelijk tot in Darién. Buiten het gidsgebied in het noorden en westen van Zuid-Amerika en in het Amazonebekken.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Wordt geregeld gezien in het gebied van het Panamakanaal, onder meer langs bosranden en open plekken bij Gamboa. Let op kleine, donkere zwaluwen die laag boven een weg of open plek in het bos fladderen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. In het gidsgebied plaatselijk en vrij schaars; afhankelijk van vochtig bos.

Wetenschappelijke naam

Atticora tibialis | (Cassin, 1853) (GBIF: Neochelidon tibialis)

Cassin beschreef de soort in 1853 als Petrochelidon(?) tibialis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Atticora werd in 1844 ingevoerd door Boie. Atticora komt van het Griekse Atthi kora, een dichterlijke bijnaam van de zwaluw: 'Attisch meisje', van Attikos 'Attisch, Atheens' en korē 'meisje', naar de mythe van Procne, dochter van de Atheense koning. tibialis is Latijn, van tibia 'scheenbeen', naar de witte dijen die bij deze verder donkere zwaluw opvallen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Zuid-Amerika (vermoedelijk bij Rio de Janeiro, Brazilië).