Alle soorten › Zangvogels › Troepialen › Zwartkopsoldatenspreeuw

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Zwartkopsoldatenspreeuw | Leistes militaris

Red-breasted Meadowlark | Pastorero pechirrojo

De zwartkopsoldatenspreeuw is een kleine, kortstaartige troepiaal van natte graslanden en weilanden. Het mannetje is zwart met een rode keel en borst. De soort is wijdverbreid in Zuid-Amerika en heeft zich in de tweede helft van de 20e eeuw vanuit Panama noordwaarts in Costa Rica gevestigd, geholpen door het kappen van bos voor weidegrond.

Zwartkopsoldatenspreeuw (Leistes militaris)
Foto: Francesco Veronesi from Italy — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Het mannetje zingt vanaf een paal of hoge graspol of in een korte zangvlucht, waarbij het opstijgt en met gespreide vleugels terugzweeft: enkele korte tikken gevolgd door een lange, schorre, zoemende toon. De roep is een droog tsjik.

Luister: ZangXC827258

Opname: Mauricio Cuéllar-Ramírez — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

17–19 cm. Gedrongen, met een spitse, kegelvormige snavel en een korte staart. Mannetje in broedkleed zwart met helderrode keel, borst en bovenbuik en soms een rood vlekje op de vleugelboeg. Buiten de broedtijd hebben de zwarte veren brede bruine randen en is het rood deels bedekt. Vrouwtje bruin met donkere streping op kop en rug, een lichte okerkleurige wenkbrauwstreep en een rozerode waas op borst en buik. Jonge vogels lijken op het vrouwtje, zonder rood.

Verwarrings­soorten

Het mannetje van de epauletspreeuw Agelaius phoeniceus is groter en geheel zwart, met alleen rood en geel op de schouder. De witkaakweidespreeuw Sturnella magna is groter, heeft een gele borst met een zwarte V en wit in de staart; jonge weidespreeuwen kunnen op vrouwtjes lijken, maar hebben geel in plaats van een rozerode waas op de onderzijde. Vrouwtjes kunnen ook aan een vrouwtje bobolink Dolichonyx oryzivorus doen denken, dat geler is, met puntige staartpennen en zonder rood.

Leefgebied

Natte en droge graslanden, weilanden, rijstvelden, ruige akkerranden en grazige moerasranden in het laagland. Vermijdt bos. Foerageert lopend op de grond, vooral op insecten en zaden.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Komt voor van het zuiden van Midden-Amerika door een groot deel van het noorden en midden van Zuid-Amerika ten oosten van de Andes, zuidelijk tot in Bolivia en het midden van Brazilië, en op Trinidad. In het gidsgebied in Panama en Costa Rica, waar de soort zich sinds de jaren 1970 vanuit het zuiden heeft verspreid en nu in grote delen van het open laagland voorkomt; in het zuiden van Nicaragua zijn incidentele waarnemingen gedaan.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het best te vinden in vochtige weilanden en rijstvelden in het laagland van Panama en Costa Rica, waar zingende mannetjes vanaf palen en in hun zangvlucht van ver te zien zijn.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). Wijdverbreid en algemeen; in het gidsgebied in uitbreiding door de omzetting van bos in weidegrond.

Wetenschappelijke naam

Leistes militaris | (Linnaeus, 1758) (GBIF: Sturnella militaris)

Linnaeus beschreef de soort in 1758 als E[mberiza] militaris; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Leistes werd in 1825 ingevoerd door Vigors. Leistes is Grieks lēistēs 'rover, plunderaar', vermoedelijk naar de gewoonte om in akkers graan te stelen. militaris is Latijn voor 'militair, van een soldaat', naar de rode borst die aan een soldatenjas doet denken. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Suriname.