Alle soorten › Eendachtigen › Eenden, ganzen en zwanen › Brandgans

Brandgans | Branta leucopsis

Barnacle Goose | Barnacla cariblanca

Een middelgrote, zilvergrijze gans met een wit gezicht en een zwarte hals en borst. De brandgans overwintert in Noordwest-Europa en is in het gebied een zeer zeldzame dwaalgast; bij elke waarneming speelt de vraag of de vogel uit een collectie ontsnapt is.

Brandgans (Branta leucopsis)
Foto: Gouwenaar — CC0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een kort, blaffend kaw of gak, als het keffen van een kleine hond; in troepen een luid, aanhoudend gekef.

Luister: VluchtroepXC948930

Opname: Kévin Westeel — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

Kop met crèmewit gezicht en zwarte kruin, nek, hals en borst; de zwarte borst grenst scherp aan de witte buik. De rug is blauwgrijs met zwart-witte bandering, zodat de bovendelen een fijn geschubd patroon tonen. De snavel is klein en zwart, de poten zijn zwart. In vlucht vallen het zwarte voorlijf, de zilvergrijze vleugels en het witte achterlijf op. Jonge vogels zijn doffer, met minder regelmatige bandering en wat grijs in het witte gezicht.

Verwarrings­soorten

De rotgans (Branta bernicla) is kleiner en donkerder, met een zwarte kop zonder wit gezicht. De roodhalsgans (Branta ruficollis) is kleiner en heeft roestrood op hals en borst. De Canadese gans (Branta canadensis), een bekende ontsnapping, is veel groter, bruin, met alleen een witte kinband.

Leefgebied

Overwintert op kustweiden, kwelders en polders met kort gras, en slaapt op getijdenvlakten en meren. In het gebied gezien op kustvlakten, lagunes en akkers, soms tussen andere ganzen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de leefgebieden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Verspreiding en trek

In Marokko enkele gevallen in de winter langs de Atlantische kust; daarbuiten in Noord-Afrika en het Midden-Oosten hooguit uitzonderlijk, en daar is ontsnapping uit gevangenschap moeilijk uit te sluiten. Broedt op Groenland, Spitsbergen en Nova Zembla en in toenemende mate rond de Oostzee en in Nederland, en overwintert in Noordwest-Europa, vooral in Schotland, Ierland, Nederland en Duitsland.

Hoe en wanneer kijken

Een kans bestaat vooral na strenge winters of stormachtig weer in Noordwest-Europa, langs de Atlantische kust van Marokko. Let bij een waarneming op ringen, een onbeschadigde vleugel en het gedrag: wilde vogels zijn schuw en sluiten zich aan bij andere ganzen.

Staat van instandhouding

Zeer zeldzame dwaalgast, met een klein aantal gevallen in Marokko; elders in het gebied niet met zekerheid als wilde vogel vastgesteld. Wereldwijd niet bedreigd en sterk toegenomen dankzij bescherming in de overwinteringsgebieden.

Wetenschappelijke naam

Branta leucopsis | (Bechstein, 1803)

Bechstein beschreef de soort in 1803 als Anas leucopsis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Branta werd in 1769 ingevoerd door Scopoli. Branta is een gelatiniseerde vorm van het Oudnoorse brandgás, 'verbrande gans', dus zwarte gans. leucopsis is Grieks, van leukos 'wit' en opsis 'gezicht': 'met een wit gezicht'. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Duitsland.