Alle soorten › Roofvogels › Havikachtigen › Socotrabuizerd
Socotrabuizerd | Buteo socotraensis
Socotra Buzzard | Busardo de Socotora
De Socotrabuizerd is een kleine, lichte buizerd die alleen op het eiland Socotra voorkomt. Lang werd hij voor een buizerd gehouden; pas in 2010 werd hij als aparte soort beschreven. Met een paar honderd volwassen vogels is hij een van de zeldzaamste roofvogels van het gebied.
Geluid
Weinig bekend. Een klagend, buizerdachtig miauwen, kort herhaald met tussenpozen van minder dan een seconde, vooral bij het nest.
Voor deze soort is nog geen opname met een geschikte Creative Commons-licentie beschikbaar.
Herkenning
43–50 cm, spanwijdte 105–125 cm; iets kleiner en compacter dan een buizerd. De bovendelen zijn grijsbruin met lichte veerranden, de kop is licht met fijne streepjes, soms met een witte keel en bovenborst. Van onderen geelwit tot roomwit, met bruine lengtestreepjes op keel en borst die op borst, buik, flanken en broek zwaarder worden en daar soms tot vlekken samenvloeien. In vlucht een lichte ondervleugel met donkere polsvlekken en een donkere achterrand, en een lichte, fijn gebandeerde grijsbruine staart met een smalle donkere eindband. Volwassen en jonge vogels lijken sterk op elkaar; jonge vogels verschillen vooral in de sterkte van de streping onder.
Verwarringssoorten
Op Socotra is hij de enige buizerd die er broedt. De aasgier (Neophron percnopterus), op het eiland talrijk, is groter, met lange, smalle vleugels en een wigvormige staart; jonge aasgieren zijn donkerbruin. De torenvalk (Falco tinnunculus) is veel kleiner, met spitse vleugels en een lange staart. Een doortrekkende steppebuizerd (Buteo buteo) of arendbuizerd (Buteo rufinus) zou mogelijk zijn, maar is van het eiland nauwelijks bekend; die zijn warmer bruin en minder fijn gestreept.
Leefgebied
Heuvels, plateaus en diepe kloven van Socotra, met struweel van flessenbomen, wierookbomen en drakenbloedbomen, meestal tussen 150 en 800 m. Het nest ligt op een beschaduwde richel of in een nis in een rotswand, meestal tussen 150 en 650 m; de soort is voor het nestelen niet van bomen afhankelijk. Jaagt op hagedissen, insecten, kleine vogels en knaagdieren.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de leefgebieden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
Verspreiding en trek
Endemisch voor Socotra (Jemen): verspreid over het hoofdeiland, vooral in de heuvels en kloven van het binnenland en de randen van het Hajhirgebergte. Niet bekend van de andere eilanden van de archipel. Komt buiten Socotra nergens voor.
- Wintergast (ca. apr–sep)
- Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Zoek de soort in de kloven en op de hellingen in het binnenland, zoals rond het Diksamplateau en in Wadi Ayhaft, waar hij vaak op een rotspunt of boven een helling zit te kijken. Hij is gemakkelijker te zien dan de geringe aantallen doen vermoeden.
Staat van instandhouding
Kwetsbaar: de populatie wordt geschat op 250 tot 500 volwassen vogels en lijkt af te nemen. Het leefgebied staat onder druk door overbegrazing door geiten, wegenaanleg en toenemende bebouwing, en de soort concurreert met aasgieren, raven en valken om nestplaatsen in de rotsen.
Wetenschappelijke naam
Buteo socotraensis | Porter & Kirwan, 2010
Porter & Kirwan beschreef de soort in 2010 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Buteo werd in 1799 ingevoerd door De Lacépède. Buteo is het Latijnse woord voor een buizerd. socotraensis betekent 'van Socotra', naar het eiland waar de soort voorkomt. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Socotra in Jemen.


