Alle soorten › Koekoeksvogels › Koekoeken › Bruine langstaartkoekoek

Bruine langstaartkoekoek | Cercococcyx olivinus

Olive Long-Tailed Cuckoo | Cuco Colilargo Oliváceo

De bruine langstaartkoekoek is een onopvallende bosvogel van het Centraal-Afrikaanse regenwoud, die de rand van het gebied bereikt in het noorden van Angola en het uiterste noordwesten van Zambia. Hij leeft verscholen in de kroon en wordt bijna uitsluitend op zijn luide, fluitende roep gevonden.

Bruine langstaartkoekoek (Cercococcyx olivinus)
Foto: Tom Field — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een luid, helder tweedelig fluitje, wie-wieuw, de tweede toon langer en dalend, vele malen herhaald; daarnaast lange reeksen luide fluittonen die in toonhoogte en tempo oplopen. Roept vaak vanuit de hoge kroon, ook 's nachts.

Luister: AlarmroepXC792186

Opname: Alain Verneau — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

32–34 cm, met een zeer lange, getrapte staart en korte, afgeronde vleugels. De bovendelen zijn egaal olijfbruin tot warm grijsbruin, zonder paarse glans, met hooguit enkele lichte vlekjes op de vleugel. De onderzijde is wit tot roomkleurig met brede zwartbruine dwarsbanden, de keel is fijner gebandeerd. De staart is bruin met lichte inkepingen langs de randen en witte toppen. De poten zijn geel, de snavel donker met een gele ondersnavelbasis. De seksen zijn gelijk; jonge vogels hebben een donkere keel en rossige randjes op de bovendelen.

Verwarrings­soorten

De grijze langstaartkoekoek (Cercococcyx mechowi) is in het veld nauwelijks te onderscheiden: hij is donkerder bruin met een paarsblauwe glans en meer lichte vlekjes op de vleugel; het geluid is het beste kenmerk. De gestreepte langstaartkoekoek (Cercococcyx montanus) van het oosten heeft rossig gebandeerde bovendelen. Een vluchtig geziene vogel kan op een jonge Afrikaanse havik (Aerospiza tachiro) lijken, die een kortere staart en een zwaardere kop heeft.

Leefgebied

Vochtig laagland- en overgangsregenwoud en galerijbos langs rivieren, in Zambia vooral de altijdgroene 'mushitu'-bossen langs beekdalen. Houdt zich meer dan zijn verwanten op in de middelste en hoge kroon, waar hij rupsen zoekt. De waardvogels zijn slecht bekend; vermoed worden onder meer lijstertimalia's en akalats.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

Binnen het gebied in het noorden van Angola, van Cabinda tot de Lunda-provincies, en in het uiterste noordwesten van Zambia, vooral in het district Mwinilunga. Daarbuiten verspreid van Ghana en Nigeria door het Congobekken tot Oeganda.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

In Zambia zijn de galerijbossen rond de bronnen van de Zambezi bij Mwinilunga de beste plek; bezoek ze aan het begin van het regenseizoen, van oktober tot december, wanneer de vogel het meest roept. Richt je verrekijker hoog in de kroon en wees geduldig: de vogel zit lang stil op een horizontale tak.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd en over een groot gebied verspreid. Binnen het gebied beperkt tot kleine, geïsoleerde bosresten die onder druk staan van kap, brand en landbouw; de soort is daar schaars en slecht onderzocht.

Wetenschappelijke naam

Cercococcyx olivinus | Sassi, 1912

Sassi beschreef de soort in 1912 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Cercococcyx werd in 1882 ingevoerd door Cabanis. Cercococcyx komt van het Griekse kerkos, 'staart', en kokkyx, 'koekoek' — naar de uitzonderlijk lange staart. olivinus is Latijn voor 'olijfkleurig' — naar de olijfbruine bovendelen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Bergbos aan de rand van de Rutshuru-vlakte, DR Congo.