Alle soorten › Anjerachtigen › Zonnedauwfamilie › Drosera arachnoides

Drosera arachnoides

De 'spinzonnedauw' van Madagaskar, in 2020 beschreven als de eerste nieuwe vleesetende plant van het eiland in meer dan veertig jaar. Drosera arachnoides dankt zijn naam aan de lange, dunne, behaarde bladeren die als spinnenpoten van de plant afstaan, en aan de gewoonte om zich aan natte rotswanden vast te klampen. De soort werd herkend door Andreas Fleischmann op gescande herbariumvellen, en samen met de Malagassische botanicus Rakotoarivelo beschreven.

Van deze soort staat nog geen foto met een Creative Commons-licentie of uit het publiek domein in de gids.

Herkenning

Een kleine plant van 2,5 tot 6 cm hoog, die bij volwassen exemplaren een korte stengel van 25 tot 45 mm vormt. De bladeren zijn lang en dun, 22 tot 40 mm lang, en behaard, met beklierde tentakels langs de vangschijf; samen geven ze de plant het spinachtige uiterlijk. Gegevens over bloemkleur en bloeitijd waren in de geraadpleegde bronnen niet beschikbaar; die velden blijven leeg.

Gelijkende soorten

De naaste verwant is Drosera humbertii, eveneens endemisch voor Madagaskar, maar van hoger gelegen berggebieden in het noorden. De twee verschillen dus in standplaats, hoogte en areaal, naast morfologische details. Drosera madagascariensis vormt een langere stengel met bladeren op lange stelen en groeit in moerassige graslanden, niet op rotswanden in het regenwoud.

De val en hoe hij werkt

Een actieve lijmval, zoals bij alle zonnedauwen. De lange bladeren steken van de rotswand af en vangen kleine insecten die in de vochtige lucht langs de waterval vliegen; na contact buigen tentakels naar de prooi en worden verteringsenzymen afgescheiden.

Standplaats en ecologie

Vochtige rotsoppervlakken langs watervallen in tropisch laaglandregenwoud, deels in halfschaduw (R1, B3). Foto's in de oorspronkelijke publicatie tonen planten ook op rode kleiige grond tussen hoge zeggen.

Verspreiding en hoogte

Endemisch voor Madagaskar, in het oosten van het eiland (provincies Toamasina en Fianarantsoa). Gezien de gevoeligheid van de soort geeft deze gids geen nauwkeuriger vindplaatsen. De auteurs verwachten dat in het slecht onderzochte oostelijke regenwoud nog meer populaties te vinden zijn. Hoogtegrenzen zijn niet vastgelegd; het gaat om laagland.

  • Waargenomen (hokken van een graad)
Verspreiding uitsluitend op basis van waarnemingen bij GBIF (Global Biodiversity Information Facility), niet op TDWG-regio's: die zijn vaak veel groter dan het werkelijke areaal. De lichte halo is het gebied rond een waarneming, de donkere kern de waarneming zelf. De donkere hokken zijn 2 vakken van een hele graad — ruwweg honderdtien kilometer — waarin de soort is waargenomen, uit alle waarnemingen bij GBIF. Deze maat is grover dan bij de meeste soorten, omdat van deze plant vrijwel geen enkele waarneming een nauwkeurige coördinaat draagt: de vindplaats van bestroopte soorten wordt bij de bron vertroebeld. Op deze schaal verdwijnt dat in de ruis. Ze zeggen waar hij is gezíén, niet waar hij voorkomt: een leeg vak betekent niets.

Vormen en variatie

Geen variëteiten. De soort is beschreven op basis van collecties uit 2010 en 2016 van Malagassische botanici, en fylogenetisch geplaatst naast D. humbertii in sectie Ptycnostigma. (De Engelstalige Wikipedia plaatst haar in sectie Drosera; de oorspronkelijke publicatie heeft voorrang.)

Waar en wanneer te zien

De bekende populatie ligt in een beschermd gebied; bezoek alleen met vergunning en een lokale gids. Pluk of verzamel niets, en deel geen exacte locaties.

Staat van instandhouding

Niet geëvalueerd voor de wereldwijde IUCN-Rode Lijst (NE) en niet opgenomen in CITES. In de oorspronkelijke publicatie stellen de auteurs een voorlopige IUCN-categorie Vulnerable (kwetsbaar) voor; een persbericht spreekt van 'bedreigd'. Er zijn minder dan 1000 planten in het wild bekend. Ontbossing van het oostelijke laaglandregenwoud is de voornaamste bedreiging.

Wetenschappelijke naam

Drosera arachnoides | Rakotoarivelo & Fleischmann, 2020

Beschreven door Fleischmann, Rakotoarivelo, Roccia, Gonella, Andriamiarisola, Razanatsima & Rakotoarivony, gepubliceerd 8 juli 2020, in Plant Ecology and Evolution, deel 153, nr. 2, p. 284, fig. 1-4 — een van de meest recente soorten in de hele gids. Provincies Fianarantsoa en Toamasina, Madagaskar; de exacte vindplaats en hoogte konden niet worden achterhaald. Herbariumexemplaren bewaard in TAN, MO en P. Van het Grieks/Latijn arachnoides ("spinachtig", van arachne, "spin") — vermoedelijk verwijzend naar een web- of straalvormige rangschikking van blad of vangharen, al is dit niet letterlijk bevestigd in een bron.

World Checklist of Vascular Plants (WCVP), via Plants of the World Online (POWO), Royal Botanic Gardens, Kew.