Alle soorten › Spechtachtigen

Spechtachtigen | Piciformes

Woodpeckers and allies | Pícidos y afines

Wereldwijd omvat deze orde ook toekans en baardvogels; in dit boek is alleen de familie van de spechten opgenomen. Kenmerkend voor de hele orde zijn zygodactyle poten, met twee tenen naar voren en twee naar achteren, waarmee de vogels stevig grip houden op een verticale boomstam. Spechten gebruiken een sterke, beitelvormige snavel om in hout te hakken, op zoek naar insectenlarven of om een nestholte uit te hakken, en een verstevigde schedel en een lange, weerhaakige tong vangen daarbij de klap op en halen de prooi naar buiten. De stijve staartveren dienen als steun tegen de stam, en bij veel soorten vervangt het trommelen op hol hout of metaal de zang als territoriumsignaal. Het legsel wordt uitgebroed in een zelfgehakte holte, en de naakte jongen zijn nestblijvers.

Families in deze orde

  • Spechten | Picidae22 soortenSommige soorten in de familie boren geen gangen naar larven maar keurige rijen ondiepe putjes in de bast, waaruit sap opwelt dat vervolgens samen met de insecten die erop afkomen wordt opgelikt; de putjes worden dagenlang onderhouden en herbezocht. Andere soorten verzamelen in de herfst grote hoeveelheden eikels of andere noten en drukken die stuk voor stuk in speciaal gehakte gaatjes in een dode boomstam, die zo als een voorraadkast voor de winter dient. Het drumritme waarmee een territorium wordt afgebakend, verschilt per soort in snelheid en lengte van de roffel en is daardoor op gehoor van andere spechten te onderscheiden. Broedholtes worden na gebruik vaak overgenomen door mezen, eenden of andere holenbroeders die zelf niet kunnen uithakken, waardoor de familie indirect nestgelegenheid biedt aan tientallen andere vogelsoorten.