Alle soorten › Zangvogels › Manakins › Goudkopmanakin

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Goudkopmanakin | Ceratopipra erythrocephala

Golden-headed Manakin | Saltarín cabecidorado

De goudkopmanakin is een kleine, zwarte manakin met een goudgele kop, die in het gidsgebied alleen in het oosten van Panama voorkomt. Daar is hij in Darién plaatselijk algemeen. Mannetjes baltsen in groepjes in de middenlaag van het bos met snelle vluchtjes en zijwaartse pasjes over een tak.

Goudkopmanakin (Ceratopipra erythrocephala)
Foto: Mike & Chris — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Hoge, zoemende tonen en een snelle reeks als poer-pier-prrrt. Mannetjes op de baltsplaats laten ook knappende geluiden met de vleugels horen.

Luister: ZangXC1181641

Opname: Juan Freile — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

9 cm. Mannetje: lichaam glanzend zwart, kop en nek goudgeel, dijen rood; iris wit, snavel licht. Vrouwtje olijfgroen, onderzijde iets lichter, met lichte snavel. Jonge mannetjes lijken op het vrouwtje.

Verwarrings­soorten

De geelbroekmanakin Ceratopipra mentalis, die in het oosten van Panama naast hem voorkomt, heeft een rode kop en gele dijen. Vrouwtjes van beide soorten zijn in het veld nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Andere zwarte manakins in het gidsgebied hebben geen goudgele kop.

Leefgebied

Onderlaag en middenlaag van vochtig laaglandbos en voetheuvelbos, ook oud secundair bos en bosranden, meestal beneden 1000 m. Eet vooral kleine vruchten en wat insecten.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Oosten van Panama: Darién, Emberá, Guna Yala en het oosten van de provincie Panamá. Buiten het gidsgebied in het noorden van Zuid-Amerika, van Colombia en Venezuela tot de Guyana's, het noorden van Brazilië en het oosten van Ecuador en Peru.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het best te zoeken in de bossen van Darién. De mannetjes verraden zich op de baltsplaats door hun zoemende roep en knappende vleugels.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Wijd verspreid in Zuid-Amerika; in het gidsgebied beperkt tot het oosten van Panama, waar het bos onder druk staat door ontbossing.

Wetenschappelijke naam

Ceratopipra erythrocephala | (Linnaeus, 1758) (GBIF: Pipra erythrocephala)

Linnaeus beschreef de soort in 1758 als [Parus] erythrocephalus; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Ceratopipra werd in 1854 ingevoerd door Bonaparte. Ceratopipra is Grieks keras 'hoorn' plus het geslacht Pipra, naar de hoornachtige kuifveren van de typesoort, de Gehoornde Manakin. erythrocephala is Grieks voor 'roodkop', van eruthros 'rood' en kephalē 'kop', naar de goudrode kop van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Suriname.