Alle soorten › Zangvogels › Manakins

Manakins | Pipridae

Manakins | Saltarines

In Mexico en Midden-Amerika leven elf soorten in zeven geslachten, vooral in vochtig laagland- en heuvelbos van Zuid-Mexico tot Panama, met de Langstaartmanakin ook in droger bos aan de Pacifische kant. Manakins zijn kleine, compacte zangvogels met een grote kop, een korte, brede snavel en meestal een korte staart. De seksen verschillen sterk: de mannetjes zijn zwart of groen met felrode, gele, witte of blauwe delen, de vrouwtjes onopvallend olijfgroen. Ze eten vooral kleine vruchten, die ze in een korte vlucht van de tak plukken, en daarnaast insecten. Bekend zijn ze om de balts op vaste plekken in het bos, waar mannetjes in een groepje of alleen een vast stukje bodem of tak schoonhouden en zich vertonen: sommige soorten maken met omgebouwde vleugelveren knallende of zoemende geluiden, andere springen heen en weer of voeren met twee mannetjes samen een dans op. Het vrouwtje kiest een partner en doet de rest alleen: ze bouwt een ondiep, hangend kommetje in een horizontale vork van een twijg, meestal laag boven de grond, broedt de doorgaans twee gevlekte eieren uit en voert de jongen. Het mannetje speelt daarna geen rol meer.

Inheemse soorten 11 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Corapipo 1 soort

Chiroxiphia 2 soorten

Cryptopipo 1 soort

Lepidothrix 1 soort

Manacus 3 soorten

Pseudopipra 1 soort

Ceratopipra 2 soorten