Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Says phoebe

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Says phoebe | Sayornis saya

Say's Phoebe | Mosquero llanero

De says phoebe is een middelgrote, grijsbruine tiran van droog, open land, met een kaneelkleurige buik en een zwarte staart. Hij zit laag op een struik, paal of muur, wipt met de staart en vangt insecten in korte vluchten. In het gidsgebied broedt hij in het noorden en midden van Mexico; in de winter komen er vogels uit het noorden bij.

Says phoebe (Sayornis saya)
Foto: Kevin Cole from Pacific Coast, USA (en:User:Kevinlcole) — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een klagend, aflopend gefloten pie-ur; de zang combineert dit met een schor pit-sirr.

Luister: ZangXC894649

Opname: Patrick J. Blake — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

17–18 cm, met een dunne zwarte snavel. Bovendelen grijsbruin, kop iets donkerder, vleugels donkerder bruin met vage lichte vleugelstrepen. Staart zwart. Keel en borst lichtgrijs tot grijsbruin, buik en onderstaartdekveren kaneel- tot roestkleurig. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

Het vrouwtje van de rode tiran Pyrocephalus rubinus is kleiner, met een gestreepte borst en een zalmroze buik. De phoebe Sayornis phoebe (wintergast in het oosten) is witachtig van onder zonder kaneelkleur. De zwarte phoebe Sayornis nigricans is zwart met een witte buik.

Leefgebied

Droog, open land: woestijn, halfwoestijn, droge graslanden, akkerranden, ranches en boerenerven, dorpen en rotsige ravijnen. Wipt met de staart vanaf een lage uitkijkpost en vangt insecten in de lucht of van de grond, ook al biddend. Nestelt op een richel in een rotswand, onder een brug of in een gebouw.

Verspreiding en trek

Broedt van Alaska en het westen van Canada via het westen van de Verenigde Staten tot in het noorden en midden van Mexico, ook in Baja California. In de winter trekken noordelijke vogels naar het zuiden; dan is hij in het gidsgebied wijder verspreid, zuidelijk tot in het zuiden van Mexico.

  • Jaarrond
  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Algemeen op boerenerven en langs hekken in de droge gebieden van het noorden van Mexico; de kaneelkleurige buik en het staartwippen zijn kenmerkend.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Algemeen en wijdverspreid; profiteert van gebouwen en bruggen als nestplaats.

Wetenschappelijke naam

Sayornis saya | (Bonaparte, 1825)

Bonaparte beschreef de soort in 1825 als Muscicapa saya; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Sayornis werd in 1854 ingevoerd door Bonaparte. Sayornis verwijst naar de Amerikaanse natuuronderzoeker Thomas Say (1787–1834), via Bonapartes Muscicapa saya, met Grieks ornis 'vogel': 'Says vogel'. saya eert de Amerikaanse natuuronderzoeker Thomas Say (1787–1834), die de soort tijdens de expeditie van Long naar de Rocky Mountains verzamelde. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Arkansas River bij Pueblo, Colorado.