Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Kolibries › Zwartkeelmango

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Nachtzwaluwen en gierzwaluwen Strisores

Zwartkeelmango | Anthracothorax nigricollis

Black-throated Mango | Mango gorjinegro

De zwartkeelmango is een grote kolibrie van halfopen laagland die in het gidsgebied alleen in Panama voorkomt, vooral in het centrale en oostelijke deel. Het is een van de talrijkste mango's van Zuid-Amerika. Mango's zijn forse kolibries met een gebogen snavel en een wijnrode staart, die vaak hoog in bloeiende bomen foerageren en daar fel andere kolibries verjagen.

Zwartkeelmango (Anthracothorax nigricollis)
Foto: Alejandro Bayer Tamayo from Armenia, Colombia — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Hoge, scherpe tsik-roepen en bij achtervolgingen een droog, snel getjirp. De zang is een reeks ijle, zoemende en piepende tonen vanaf een hoge zitpost.

Luister: ZangXC1175925

Opname: Jonas Nilsson — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

10–12 cm, met een vrij lange, licht gebogen zwarte snavel. Het mannetje is van boven bronsgroen; een fluweelzwarte streep loopt van de kin over keel en borst tot op de buik en wordt aan weerszijden begrensd door een glinsterende blauwgroene rand; de flanken zijn groen. De staart is purperrood tot wijnrood met donkere randen; de middelste pennen zijn donker bronsgroen. Het vrouwtje is van onderen wit met een zwarte middenstreep van keel tot buik en groene flanken; de buitenste staartpennen zijn wijnrood met een donkere band en een witte top. Jonge vogels hebben een roestbruine rand langs de middenstreep.

Verwarrings­soorten

De veraguamango Anthracothorax veraguensis lijkt sterk op deze soort; in het veld zijn de twee vaak niet met zekerheid te scheiden. Waar ze samen voorkomen, in centraal Panama, is verspreiding het belangrijkste kenmerk: de veraguamango is de mango van het Pacifische laagland van west-Panama. De groenborstmango Anthracothorax prevostii komt in Panama alleen in Bocas del Toro voor. Het vrouwtje van de muskietkolibrie Chrysolampis mosquitus is kleiner, met een korte snavel en een kastanjebruine staart.

Leefgebied

Halfopen landschap in het laagland en de lagere heuvels tot ongeveer 1000 m: bosranden, oevers van rivieren, weilanden met losse bomen, plantages, tuinen en parken. Foerageert vaak hoog in bloeiende bomen en verdedigt daar een bloemrijke plek; vangt ook veel kleine insecten in de lucht.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied alleen in Panama, op de Pacifische en de Caribische helling, vooral van de omgeving van het Panamakanaal oostwaarts tot Darién; westelijker schaarser, tot in Coclé en plaatselijk Bocas del Toro. Buiten het gidsgebied in een groot deel van Zuid-Amerika ten oosten van de Andes, van Colombia en Venezuela tot in Bolivia, Paraguay en het noorden van Argentinië, en op Trinidad en Tobago.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Rond het Panamakanaal, bijvoorbeeld in tuinen en parken van Panama-Stad en langs bosranden bij Gamboa, en in Darién zitten mannetjes vaak hoog op een kale tak boven een bloeiende boom. In tegenlicht valt eerst de zwarte middenstreep op.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De wereldpopulatie is groot. De soort profiteert van open landschap met bomen en komt veel voor in cultuurland en tuinen.

Wetenschappelijke naam

Anthracothorax nigricollis | (Vieillot, 1817)

Vieillot beschreef de soort in 1817 als Trochilus nigricollis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Anthracothorax werd in 1831 ingevoerd door Boie. Anthracothorax is Grieks, van anthrax 'kool' (dus 'zwart') en thōrax 'borst', naar de zwarte middenstreep op borst en buik. nigricollis is Latijn, van niger 'zwart' en collum 'hals', naar de zwarte keel- en borststreep. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Brazilië.