Alle soorten › Stormvogelachtigen › Pijlstormvogels › Wigstaartpijlstormvogel

Wigstaartpijlstormvogel | Ardenna pacifica

Wedge-Tailed Shearwater | Pardela del Pacífico

Een grote, slanke pijlstormvogel van de tropische Indische en Stille Oceaan, met een lange, spitse staart en een ontspannen, zwevende vlucht. In het gidsgebied een schaarse gast in de Arabische Zee, vooral voor de kust van Oman.

Wigstaartpijlstormvogel (Ardenna pacifica)
Foto: Forest & Kim Starr — CC BY 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Op zee stil. In de kolonie ’s nachts een lang, kreunend en jammerend oo-OO-ah.

Luister: ZangXC1135323

Opname: Kathryn Hodder — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

Slank en langgerekt, met een vrij kleine kop, brede, in de hand naar voren gehouden vleugels en een lange, wigvormige staart die meestal gesloten en spits wordt gedragen. In de Indische Oceaan komt vooral de donkere vorm voor: geheel donker chocoladebruin, de ondervleugel iets lichter op de grote dekveren. De lichte vorm is grijsbruin van boven en wit van onderen. De snavel is slank, grijs tot vaal roze met een donkere punt; de poten zijn vleeskleurig. Vliegt laag en traag, met losse slagen en lange glijvluchten op licht gebogen vleugels, minder stijf dan andere pijlstormvogels.

Verwarrings­soorten

De australische grote pijlstormvogel (Ardenna carneipes), in de Arabische Zee veel talrijker, is forser en breedvleugeliger, met een kortere, ronde staart, een dikkere vleeskleurige snavel met zwarte punt, opvallend lichte poten en een zwaardere vlucht. De grauwe pijlstormvogel (Ardenna grisea) heeft zilverachtige ondervleugels, een korte staart, een zwarte snavel en een snelle, stijve vlucht. Jouanins stormvogel (Bulweria fallax) is veel kleiner, met een korte, zware zwarte snavel.

Leefgebied

Warme, open oceaan; komt soms dichter onder de kust, vooral bij sterke moessonwinden. Foerageert in groepen bij scholen roofvis en dolfijnen. Broedt in holen op tropische eilanden.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de leefgebieden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied vrijwel beperkt tot Oman, waar tot 2016 ruim zestig gevallen bekend waren, vooral op zee voor Dhofar en Masirah; dicht onder de kust zelden. In de Golf van Oman voor de oostkust van de Emiraten een zeer zeldzame, niet jaarlijkse gast in mei en juni: tot 2013 was er één geval, daarna leverde een invasie in 2013 tot acht vogels op één boottocht op. Uit de wateren van Jemen en Socotra zijn er enkele meldingen; elders in het gebied niet vastgesteld. Daarbuiten broedt hij in de hele tropische en subtropische Indische en Stille Oceaan, het dichtst bij op de Seychellen, de Mascarenen en de eilanden voor West-Australië.

  • Zomergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

De beste kans bieden zeetochten in de zomermoesson voor de kust van Dhofar, of vanuit Fujairah en Dibba in mei en juni. Bekijk elke donkere pijlstormvogel tussen de australische grote pijlstormvogels op staartvorm en snavelkleur.

Staat van instandhouding

Wereldwijd niet bedreigd, met een zeer grote populatie, al hebben ratten, katten en verlichting in sommige kolonies invloed. In het gidsgebied een schaarse gast zonder broedplaatsen.

Wetenschappelijke naam

Ardenna pacifica | (Gmelin, 1789) (GBIF: Puffinus pacificus)

Gmelin beschreef de soort in 1789 als Procellaria pacifica; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Ardenna werd in 1853 ingevoerd door Reichenbach. Ardenna gaat terug op Artenna, de spelling die de Italiaanse natuuronderzoeker Ulisse Aldrovandi in 1603 voor een zeevogel gebruikte en die Reichenbach bij de naamgeving aanhaalde. pacifica is Latijn voor 'van de Grote (Stille) Oceaan', naar het verspreidingsgebied. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Grote Oceaan; later beperkt tot de Kermadeceilanden.