Alle soorten › Zangvogels › Mezen › Miombomees

Miombomees | Melaniparus griseiventris

Miombo Tit | Carbonero del Miombo

De miombomees is de grijze mees van het miombo, het noordelijke tegenstuk van de acaciamees en de Kaapse mees. Hij is sterk aan miombobos gebonden en maakt daar deel uit van vrijwel elke gemengde foerageertroep.

Miombomees (Melaniparus griseiventris)
Foto: abcdefgewing — CC BY-NC 4.0 · iNaturalist

Geluid

Schor, ratelend tsjer-tsjer-tsjer, vaak voorafgegaan door een hoog tsi-tsi, en een heldere, herhaalde fluitzang, tsjie-wie tsjie-wie of pie-pie-tsjoe. Lijkt sterk op de stem van de acaciamees.

Luister: RoepXC429534

Opname: Derek Solomon — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

14 cm. Kap en brede keelvlek glanzend zwart, gescheiden door grote witte wangen die zich als een witte band naar de nek voortzetten. Rug en schouders blauwgrijs, vleugels donkergrijs met witte randen aan dekveren en tertials, staart zwart met witte buitenranden. Borst en buik lichtgrijs tot grijswit, duidelijk bleker dan de rug. Snavel zwart, iris donker. De geslachten zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De acaciamees Melaniparus cinerascens van acaciaveld en Kalahari-doornveld verder naar het zuiden en westen is van onderen donkerder en egaler grijs, met minder contrast tussen buik en rug; beide soorten sluiten elkaar vrijwel uit per habitat. De Kaapse mees Melaniparus afer van het zuidwesten van Zuid-Afrika heeft een zeemkleurige buik en komt niet in miombo voor. De roestbuikmees Melaniparus rufiventris, vaak in dezelfde troep, heeft een zwarte borst en een roestbruine buik.

Leefgebied

Vrijwel uitsluitend miombo, op plateaus en hellingen; plaatselijk ook in ander breedbladig bosveld dat aan miombo grenst. Foerageert op takken en in het bladerdak op insecten, vaak hangend aan twijgen, en trekt mee in gemengde troepen. Broedt in een boomholte.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

In het gebied in het midden en oosten van Angola, Zambia, Malawi, het westen en midden van Mozambique en het noorden en midden van Zimbabwe. Daarbuiten in het zuidoosten van Congo-Kinshasa en in Tanzania.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Jaarrond. In elk goed miombo, zoals rond Harare en op het Zambiaanse plateau, is hij vaak de eerste soort die men in een foerageertroep ziet. Grijze mezen buiten miombo, in acaciaveld, zijn in het overlapgebied eerder acaciamezen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd; algemeen in geschikt miombo. De grootschalige kap van miombo voor houtskool en akkerbouw is op termijn de belangrijkste bedreiging.

Wetenschappelijke naam

Melaniparus griseiventris | (Reichenow, 1882)

Reichenow beschreef de soort in 1882 als Parus griseiventris; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Melaniparus werd in 1850 ingevoerd door Bonaparte. Melaniparus combineert het Griekse melas, 'zwart', met Parus, het Latijn voor 'mees' — naar het overwegend zwarte verenkleed van veel soorten. griseiventris is Latijn voor 'grijsbuikig', van griseus, 'grijs', en venter, 'buik'. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Kakoma, bij Tabora, Tanzania.