Alle soorten › Anjerachtigen › Zonnedauwfamilie › Drosera coomallo

Drosera coomallo

Drosera coomallo hoort bij de reeks zonnedauwen die Allen Lowrie en John Conran in 2014 beschreven in Lowries Carnivorous Plants of Australia Magnum Opus. De naam verwijst naar Coomallo, een streek in de kwongan-heide van het Lesueur-zandplateau ten noorden van Perth, die bekendstaat als een van de soortenrijkste stukken heide van Australië. Over de plant zelf is buiten de oorspronkelijke beschrijving vrijwel niets gepubliceerd.

Drosera coomallo
Foto: Andrew Allen — CC BY 4.0 · iNaturalist

Herkenning

Een beschrijving van groeivorm, bladeren, bloemen en bloeitijd was in de voor deze gids toegankelijke bronnen niet te vinden. Ook de plaats van de soort binnen het geslacht kon niet worden geverifieerd. Alle maatvelden blijven daarom leeg. Voor herkenning is de oorspronkelijke beschrijving in het werk van Lowrie (2014) onmisbaar.

Gelijkende soorten

Het Lesueur-zandplateau en de aangrenzende kustvlakte herbergen een groot aantal zonnedauwen, zowel dwergzonnedauwen als knolzonnedauwen. Zonder beschrijving van D. coomallo is geen betrouwbare vergelijking te maken; verwarring met andere soorten uit dit gebied ligt voor de hand.

De val en hoe hij werkt

Zoals alle zonnedauwen vangt de plant met een actieve lijmval: gesteelde klieren op het blad scheiden kleverige druppels af waarin kleine insecten vast komen te zitten. Daarna buigen de tentakels zich naar de prooi en worden verteringsenzymen afgescheiden. Specifieke gegevens voor deze soort ontbreken.

Standplaats en ecologie

FloraBase plaatst de soort in de bioregio's Geraldton Sandplains en Swan Coastal Plain, in de deelgebieden Lesueur Sandplain en Perth. Dat gebied wordt gedomineerd door kwongan: lage, open heide en struweel op arm zand en lateriet (B5, D1). Een nauwkeuriger standplaatsbeschrijving was niet beschikbaar; de codes zijn voorlopig.

Verspreiding en hoogte

Endemisch in het zuidwesten van West-Australië, voor zover bekend in de noordelijke zandvlakten en op het aangrenzende deel van de kustvlakte ten noorden van Perth.

  • Waargenomen (hokken van een graad)
Verspreiding uitsluitend op basis van waarnemingen bij GBIF (Global Biodiversity Information Facility), niet op TDWG-regio's: die zijn vaak veel groter dan het werkelijke areaal. De lichte halo is het gebied rond een waarneming, de donkere kern de waarneming zelf. De donkere hokken zijn 2 vakken van een hele graad — ruwweg honderdtien kilometer — waarin de soort is waargenomen, uit alle waarnemingen bij GBIF. Deze maat is grover dan bij de meeste soorten, omdat van deze plant vrijwel geen enkele waarneming een nauwkeurige coördinaat draagt: de vindplaats van bestroopte soorten wordt bij de bron vertroebeld. Op deze schaal verdwijnt dat in de ruis. Ze zeggen waar hij is gezíén, niet waar hij voorkomt: een leeg vak betekent niets.

Vormen en variatie

Er zijn geen ondersoorten of variëteiten beschreven. Omdat de soort pas in 2014 werd beschreven en weinig door anderen is onderzocht, is de afbakening ten opzichte van verwante soorten nog niet getoetst.

Waar en wanneer te zien

Het Lesueur-gebied is in het voorjaar, van augustus tot oktober, een van de beste plekken van het zuidwesten om zonnedauwen te zien. Fotografeer elke zonnedauw die je niet direct kunt thuisbrengen in detail, en vergelijk hem later met de oorspronkelijke beschrijving. Het Nationaal Park Lesueur heeft wegen en paden; blijf daarop, want de heide is kwetsbaar voor betreding en voor de verspreiding van plantenziekten via schoenen en banden.

Staat van instandhouding

De IUCN-code in deze gids is niet bedreigd (LC); FloraBase vermeldt de soort als 'Not threatened'. Niet in CITES. Een groot deel van het Lesueur-plateau is beschermd, maar de kwongan in de omgeving is aangetast door ontginning en door de wortelrot veroorzakende Phytophthora cinnamomi. De bronbasis voor deze tekst is zeer dun: de oorspronkelijke beschrijving van Lowrie (2014) is de enige goede bron en kon voor deze gids niet worden ingezien.

Wetenschappelijke naam

Drosera coomallo | Lowrie & Conran, 2013

Beschreven door Lowrie & Conran, in "Carnivorous Plants of Australia Magnum Opus", deel 3, p. 1269 (titelpagina december 2013, verschenen 2014). Holotype (Allen Lowrie nr. 2478, 27 september 2000) in PERTH. Coomallo-telefooncentrale, Marchagee Track, West-Australië. Vernoemd naar de plek Coomallo, de typelocatie — passend bij het gebruikelijke toponymische naamgevingspatroon van Lowrie & Conran, al is een expliciete naamsverklaring niet in een bron gevonden.

World Checklist of Vascular Plants (WCVP), via Plants of the World Online (POWO), Royal Botanic Gardens, Kew.