Alle soorten › Anjerachtigen › Bekerplantfamilie › Nepenthes tboli
Nepenthes tboli
Weinig kannenplanten zijn op zo weinig materiaal gebouwd als deze. Nepenthes tboli werd in 2014 beschreven op basis van één herbariumcollectie uit 1993, gemaakt in het hoogland van zuidelijk Mindanao, en in de beschrijving staat eerlijk dat er in het wild slechts één of twee volwassen planten met zekerheid bekend zijn. De soort behoort tot de zogenoemde Nepenthes alata-groep, een reeks Filipijnse soorten met gevleugelde bladstelen, bekers die aan de voet het breedst zijn en een richel of aanhangsel aan de onderkant van het deksel. De naam eert het volk van de T'boli, in wiens land de plant werd gevonden.



Herkenning
Een kleine, struikvormige of zwak klimmende plant van ten minste een halve meter, met ronde stengels van vier tot zes millimeter dik. De bladeren zijn langwerpig-elliptisch, 11 tot 16 cm lang en 2,8 tot 3,5 cm breed, en lopen uit in een gevleugelde bladsteel van 4,5 tot 6 cm. Opvallend is de beharing: de bladrand en de middennerf aan de onderzijde dragen afstaande haren, en onder het blad zitten kleine rode klieren. De enige bekende bekers zijn bovenbekers: smal, bijna cilindrisch, 11,5 tot 17,5 cm hoog en 3,5 tot 4 cm breed, het breedst aan de voet. De vleugels zijn tot richels teruggebracht. Het peristoom is smal, slechts 2 tot 2,5 mm, met de buitenrand strak naar binnen gerold. Het deksel is eirond, 3 tot 3,8 cm lang, met een ingedeukte top. Onderbekers zijn niet beschreven, en ook over de kleuren in het veld zegt de beschrijving vrijwel niets.
Gelijkende soorten
De beschrijvers noemen Nepenthes saranganiensis, uit dezelfde zuidelijke hoek van Mindanao, als naaste gelijkende soort. Die heeft echter stengels met vier opvallende vleugels, gevormd door de ver aflopende bladvoeten, een kaal blad en een afgeronde dekseltop. Nepenthes tboli heeft ronde stengels, behaarde bladranden en middennerven en een ingedeukte dekseltop. Een bijzonder kenmerk is een klein, naar voren gericht zakje aan de onderkant van het deksel, een paar millimeter achter de top; binnen de alata-groep is zo'n zakje verder alleen van Nepenthes graciliflora bekend, en daarbuiten van Nepenthes albomarginata en Nepenthes robcantleyi. Bij twijfel in het veld is de combinatie van ronde stengel en smal peristoom het bruikbaarst.
De val en hoe hij werkt
Een valkuil zoals bij alle kannenplanten: een beker aan het eind van een bladrank, met een glad peristoom als rand en een verteringsvloeistof onderin. Het peristoom is bij deze soort smal en fijn geribbeld, met ribben van nog geen twee tiende millimeter hoog; de binnenrand heeft geen tanden, maar wel kleine gaatjes waar de nectarklieren uitmonden. Het deksel draagt drie soorten nectarklieren: een band van grote langwerpige klieren langs de middenlijn, kleine omrande klieren op het aanhangsel aan de voet, en nog kleinere bij de aanhechting aan het peristoom. Het zakje onder het deksel is raadselachtig; de beschrijvers vermoeden dat het iets met het lokken van prooi te maken heeft, maar onderzocht is dat niet. Over de prooi zelf is niets bekend. Omdat alleen bovenbekers zijn verzameld, is het aannemelijk maar niet aangetoond dat de plant vooral vliegende insecten vangt.
Standplaats en ecologie
Het etiket van de typecollectie vermeldt open grasland op 1463 m hoogte, in het berggebied van zuidelijk Mindanao. Dat past bij de manier waarop veel soorten van de alata-groep leven: in open, zonnige vegetatie of langs bosranden, waar ze tussen gras en struiken omhoog steunen (B5). Over de bodem zegt de beschrijving niets, en het is niet bekend of het terrein van nature open is of door menselijk gebruik is ontstaan. Het hoogteveld geeft de enige bekende vindhoogte; een echt hoogtebereik is met één vindplaats niet te geven.
Verspreiding en hoogte
Endemisch op de Filipijnen en alleen bekend uit het zuiden van Mindanao, in de provincie South Cotabato, in het land van de T'boli. De typecollectie werd in augustus 1993 gemaakt; het materiaal bevatte mannelijke bloemen en vruchten. Omdat de soort als ernstig bedreigd geldt, geeft deze gids de vindplaats niet nauwkeuriger. Het is heel goed mogelijk dat de soort in het omringende berggebied op meer plekken staat: het zuiden van Mindanao is botanisch slecht onderzocht, en kleine kannenplanten tussen hoog gras worden gemakkelijk gemist. Tot dat is aangetoond, blijft het areaal één plek.
- Waargenomen (hokken van een graad)
Vormen en variatie
Er zijn geen variëteiten of kleurvormen beschreven, en met zo weinig materiaal valt over variatie binnen de soort ook niets te zeggen. Het is zelfs niet bekend hoe de onderbekers eruitzien; bij verwante soorten zijn die meestal gedrongener, eivormig en voorzien van twee gefranjerde vleugels, maar dat is hier niet waargenomen en mag niet zomaar worden aangenomen. Natuurlijke hybriden zijn niet gemeld. Planten die in de handel onder deze naam opduiken, hebben geen bekende herkomst uit het wild en zeggen dus niets over de soort.
Waar en wanneer te zien
Voor de gewone natuurliefhebber is dit geen soort om op te zoeken. De enige bekende plek ligt in een gebied waar toerisme en landbouw juist de grootste bedreiging vormen, en elke extra bezoeker telt. Wie in het hoogland van South Cotabato reist, kan wel met open ogen door grazige, open terreinen lopen en kleine kannenplanten met smalle, cilindrische bekers fotograferen zonder ze aan te raken. Een goede foto met datum en globale hoogte, gedeeld met botanici van een Filipijnse universiteit of herbarium, is waardevoller dan een nauwkeurige plaatsbepaling op een openbare site.
Staat van instandhouding
Op de Rode Lijst staat de soort als ernstig bedreigd (Critically Endangered). De beschrijvers kwamen tot die beoordeling omdat er met zekerheid slechts één of twee volwassen planten bekend zijn, op een plek die bedreigd wordt door plantagelandbouw en toeristische ontwikkeling. Als lid van het geslacht Nepenthes staat de soort in CITES bijlage II, zodat internationale handel in wilde planten een vergunning vereist. Voor een soort met zo'n kleine bekende populatie is elke plant die uit het wild verdwijnt een meetbaar verlies; bescherming van het resterende open terrein en gericht veldonderzoek naar meer populaties zijn de voor de hand liggende eerste stappen.
Wetenschappelijke naam
Nepenthes tboli | Jebb & Cheek, 2014
Beschreven door Jebb & Cheek in 2014, in "Expansion of the Nepenthes alata group (Nepenthaceae), Philippines, and descriptions of three new species", Blumea – Biodiversity, Evolution and Biogeography of Plants, deel 59, nr. 2, p. 144-154 (31 december 2014). Verzameld in 1993, rond Lake Parker, T'Boli, provincie South Cotabato, Mindanao, Filipijnen, op 1463 m hoogte. Vernoemd naar het T'boli-volk en de gelijknamige plaats T'Boli in South Cotabato — dezelfde plek als de typelocatie.
World Checklist of Vascular Plants (WCVP), via Plants of the World Online (POWO), Royal Botanic Gardens, Kew.