Alle soorten › Zangvogels › Heggenmussen
Heggenmussen | Prunellidae
Accentors | Acentores
Het zijn onopvallende, grijsbruine vogels met een fijn gestreepte rug, een grijze kop en borst en een dunne, spitse snavel: in de zomer worden kleine insecten gegeten, in de winter vooral zaden. Ze bewegen zich muisachtig en laag over de grond, schuifelend en met trillende vleugels, meestal vlak langs de rand van een struik of een steenhoop, en vliegen bij verstoring laag naar de eerste dekking. Het broedgebied ligt in laag struikgewas van bergen en toendra, tot boven de boomgrens. Opvallend is de paarvorming: bij verschillende soorten leven op één terrein meerdere mannetjes en vrouwtjes door elkaar die alle met elkaar paren, waarna elk mannetje de jongen voert in verhouding tot zijn aandeel in die paringen. Het nest is een net kommetje van mos en fijne twijgjes, laag in een struik en met haar gevoerd. De zang is een kort, hoog en wat rammelend deuntje vanaf een struiktop of steen; de roep is een ijl, trillend tsie-ie. In dit gebied verschijnt de familie alleen als dwaalgast uit Azië, in het uiterste westen en noordwesten.
Dwaalgasten 1 soort
Verdwaalde vogels uit andere werelddelen of van ver buiten hun gewone gebied.





