Alle soorten › Nachtzwaluwachtigen › Nachtzwaluwen › Ridgways nachtzwaluw
Ridgways nachtzwaluw | Antrostomus ridgwayi
Buff-collared Nightjar | Chotacabras Tucuchillo
Ridgways nachtzwaluw is de nachtzwaluw van de rotscanyons langs de Mexicaanse grens: een kleine, grijsbruine vogel met een lichte, okerkleurige halsband die hem zijn Engelse naam gaf. In de Verenigde Staten broedt hij op nog geen twintig bekende plekken, allemaal in het uiterste zuiden van Arizona.
Geluid
De zang is een reeks van vier tot zes korte, versnellende kuk-klanken die in toonhoogte oplopen en dan abrupt afbreken in een neerwaartse slotlettergreep: kuk-kuk-kuk-kuk-kukatsjía. Elke reeks duurt maar een paar seconden en wordt in het donker vele malen kort na elkaar herhaald, vanaf een lage tak of struik. Daarnaast klinken korte, klokkende en krassende geluiden, en een zacht klappen met de vleugels.
Opname: Paul Marvin — CC BY-NC-SA 4.0 · Box Canyon Rd, Pima County, Arizona, United States · xeno-canto
Herkenning
Een kleine, fijn grijsbruin en zwart getekende nachtzwaluw met een duidelijke, okerkleurige band over de achterhals — het kenmerk waaraan hij zijn Engelse naam dankt — en een relatief lange staart voor zijn formaat. Het mannetje heeft witte hoeken aan de buitenste staartveren, bij het vrouwtje zijn die okerkleurig en minder opvallend. Net als andere nachtzwaluwen zit hij overdag plat en roerloos, vaak op kale grond in een droge bedding of tussen laag struikgewas.
Verwarringssoorten
De Mexicaanse whippoorwill (Antrostomus arizonae) is iets groter, mist de okerkleurige halsband en heeft een andere, chantend-herhalende zang in plaats van de korte, versnellende reeks van Ridgways nachtzwaluw. De texasnachtzwaluw (Chordeiles acutipennis) is te herkennen aan zijn lange, puntige vleugels met witte band en zijn actieve jachtvlucht, in tegenstelling tot de gedrongen vorm en de vanaf een zitplaats jagende Ridgways nachtzwaluw. Binnen zijn eigen areaal is de kleinere Nuttalls nachtzwaluw de meest voor de hand liggende verwarringssoort, met een egale, niet-versnellende trillende zang.
Leefgebied
Droge canyons en ravijnen met een dichte laag lage struiken en kleine bomen, vaak langs een geultje dat alleen na regen water voert, en de overgang naar open, doornig struikgewas. In Mexico gaat hij ook tot in loofverliezend tropisch bos en droog eikenbos, tot op grote hoogte. Kaal, begroeiingsloos woestijnterrein en gesloten bos mijdt hij allebei.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
In de Verenigde Staten broedt hij uitsluitend in het zuiden van Arizona, waar hij pas in 1960 voor het eerst werd vastgesteld; in New Mexico is hij sindsdien niet meer teruggevonden als broedvogel. Zuidwaarts loopt het areaal door het westen en midden van Mexico tot Chiapas, met een grotendeels standvogelpopulatie in het westelijk laagland en trekvogels in de noordelijke bergen die 's winters naar het zuiden wegtrekken. Verder zuidwaarts is de soort ook standvogel in Guatemala en Honduras.
- Jaarrond
- Broedvogel (zomer)
- Winter
- Doortrek
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Zoek een droge, met struiken omzoomde canyon in het zuiden van Arizona op, kort na zonsondergang in mei of juni, en luister naar de korte, versnellende reeks — hij wordt vaker gehoord dan gezien, en zit overdag vrijwel nooit in het zicht. In Mexico is de kans groter langs bospaden in droog eikenbos net na het invallen van de duisternis.
Staat van instandhouding
Wereldwijd naar schatting rond de twee miljoen vogels, met een als stabiel beoordeelde trend; de status is niet bedreigd (LC). Vrijwel het hele, minieme Amerikaanse areaal ligt binnen beschermd gebied, wat de kleine grenspopulatie enige bescherming biedt.
Wetenschappelijke naam
Antrostomus ridgwayi | Nelson, 1897
Nelson beschreef de soort in 1897 als Antrostomus ridgwayi, meteen in het huidige geslacht, vernoemd naar de Amerikaanse ornitholoog Robert Ridgway. De typelocatie is Tlalkisala in de Mexicaanse deelstaat Guerrero. De soort werd enige tijd bij het geslacht Caprimulgus ondergebracht, maar later weer teruggeplaatst in Antrostomus.



