Alle soorten › Uilen › Kerkuilen › Hispaniolakerkuil

Hispaniolakerkuil | Tyto glaucops

Ashy-faced Owl | Lechuza cara ceniza

De Hispaniolakerkuil is een Caribische kerkuil met een grijs gezichtsmasker. Lange tijd gold hij als endemisch voor Hispaniola, maar op grond van genetisch onderzoek worden ook de donkere kerkuilen van Dominica en van Saint Vincent, de Grenadines en Grenada nu meestal tot deze soort gerekend. Op Hispaniola leeft hij naast de Amerikaanse kerkuil Tyto furcata, die daar pas in de twintigste eeuw algemeen werd.

Hispaniolakerkuil (Tyto glaucops)
Foto: kbrix — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een hese, raspende schreeuw van twee tot drie seconden, korter en minder gerekt dan die van de Amerikaanse kerkuil, vaak voorafgegaan door een reeks snelle, hogere klikkende tonen. Daarnaast sissende, snurkende en kwetterende geluiden.

Luister: OpnameiNaturalist

Opname: Jonathan M — CC BY-NC 4.0 · Omgezet naar mp3, mono, ongewijzigde lengte · iNaturalist

Herkenning

33–35 cm, een kerkuil met een hartvormig, zilvergrijs gezichtsmasker dat door een smalle roodbruine rand wordt omlijst, en donkere ogen. De bovendelen zijn donker grijsbruin met fijne lichte en donkere vermiculatie en kleine witte stippels; de vleugels zijn geelbruin gevlekt. De onderdelen zijn warm geelbruin met donkere pijlvormige vlekjes en bandering. De poten zijn lang en grijsbruin. De vogels van Dominica en de zuidelijke Kleine Antillen zijn van onderen donkerder en roodbruiner, met een bruiner masker. Vrouwtjes zijn duidelijk zwaarder dan mannetjes.

Verwarrings­soorten

De Amerikaanse kerkuil Tyto furcata heeft een wit gezichtsmasker en is van onderen wit tot licht geelbruin; in vlucht lijkt hij veel bleker. De velduil Asio flammeus heeft gele ogen, korte oorpluimen en een gestreepte borst.

Leefgebied

Open bos, droog en vochtig loofbos, kalksteengebieden met grotten, struweel, landbouwgebied met bomen, plantages en de randen van dorpen, van zeeniveau tot boven 2.000 meter. Rust en broedt in grotten, rotsspleten, holle bomen en gebouwen. Eet vooral kleine zoogdieren, maar neemt meer vogels, kikkers en reptielen dan de Amerikaanse kerkuil.

Verspreiding en trek

Hispaniola (Haïti en de Dominicaanse Republiek) met Île de la Tortue; verder Dominica (ondersoort nigrescens) en Saint Vincent, Bequia, Union, Carriacou en Grenada (ondersoort insularis). Op Hispaniola verspreid en plaatselijk algemeen; op Saint Vincent en Grenada zeldzaam. Buiten het gebied komt de soort niet voor.

  • Jaarrond
  • Wintergast (ca. apr–sep)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Op Hispaniola het beste 's nachts in kalksteengebieden met grotten en open bos, bijvoorbeeld in de droge zuidwestelijke Dominicaanse Republiek. Op Dominica wordt de soort soms in de schemering langs bosranden en dorpsrand gehoord. Een kerkuil met een grijs masker op Hispaniola is deze soort.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd; de populatie op Hispaniola wordt stabiel geacht. Over de Kleine Antilliaanse vogels is weinig bekend. De Amerikaanse kerkuil concurreert op Hispaniola om voedsel, maar welk effect dat heeft is niet vastgesteld.

Wetenschappelijke naam

Tyto glaucops | (Kaup, 1853)

Kaup beschreef de soort in 1853 als Strix glaucops; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Tyto werd in 1828 ingevoerd door Billberg. Tyto komt van het Oudgriekse tutō 'uil'. glaucops is Grieks, van glaukos 'blauwgrijs' en ōps 'gezicht', naar de grijze gezichtssluier. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Hispaniola (oorspronkelijk abusievelijk Jamaica).