Alle soorten › Flamingo's › Flamingo's › Rode flamingo

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Flamingo's en futen Mirandornithes

Rode flamingo | Phoenicopterus ruber

American Flamingo | Flamenco del Caribe

De rode flamingo is de enige flamingo van het gidsgebied en de meest gekleurde van alle flamingo's: roze tot oranjerood over kop, hals en lijf. In het gidsgebied leeft hij vrijwel alleen langs de kust van het schiereiland Yucatán, waar hij in enkele grote kolonies broedt en het hele jaar in groepen in de lagunes foerageert.

Rode flamingo (Phoenicopterus ruber)
Foto: JeffreyGammon — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Ganzenachtig: een nasaal, toeterend ka-ha, vooral in de vlucht; foeragerende groepen maken een laag, aanhoudend gesnater, dat bij een kolonie tot een luid rumoer aanzwelt.

Luister: DuetXC994736

Opname: FREDERIC Lionel — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

120–145 cm, met een zeer lange hals en zeer lange poten. Volwassen vogels zijn roze tot koraalrood, het felst op kop, hals en borst; de vleugeldekveren zijn dieprood, de slagpennen zwart en alleen in de vlucht of bij gespreide vleugels te zien. De snavel is in het midden geknikt, met een bleke basis, een roze tot oranje middendeel en een zwarte punt; de poten zijn roze. Jonge vogels zijn grijsbruin met een roze waas, een grijze snavel met zwarte punt en grijze poten, en kleuren pas na enkele jaren door. Vliegt met gestrekte hals en poten, in lange rijen of losse V's.

Verwarrings­soorten

Met zijn bouw is hij in het gidsgebied niet te verwarren. De rode lepelaar Platalea ajaja is veel kleiner, met een kortere, witte hals en een platte lepelsnavel. Vogels die ver van de kust van Yucatán opduiken kunnen ontsnapt zijn uit collecties en tot andere soorten behoren: de Chileense flamingo Phoenicopterus chilensis is bleker, met grijze poten met rode gewrichten en een snavel die voor meer dan de helft zwart is.

Leefgebied

Ondiepe zoutpannen, zoute en brakke kustlagunes en estuaria, getijdenvlakten en ondiepe baaien achter mangrove. Foerageert lopend met de kop ondersteboven in het water en zeeft kleine kreeftachtigen, weekdieren, insectenlarven en algen uit water en slik. Broedt in dichte kolonies op kale modderbanken, waar elk paar een afgeplatte kegel van modder bouwt met één ei.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Kust van de staat Yucatán, met de belangrijkste broedkolonie in de Ría Lagartos en sinds kort ook een broedplaats in de Ría Celestún; buiten de broedtijd foerageren grote groepen vooral in de Ría Celestún, op de grens met Campeche. Verder langs de kust van Campeche en het noorden van Quintana Roo, onder meer rond Holbox en de Laguna Yalahau. Elders langs de Golfkust van Mexico, in Belize en in de rest van Midden-Amerika een zeldzame gast; vogels in het binnenland van Mexico zijn meestal ontsnapt. Buiten het gidsgebied in het Caribisch gebied (vooral Cuba, de Bahama's en Bonaire), langs de kusten van Colombia en Venezuela, op de Galápagos en in kleine aantallen in Florida.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. apr–sep)
  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

In de Ría Celestún zijn het hele jaar groepen te zien, met de grootste aantallen in de winter; boottochten vertrekken vanuit het dorp Celestún. Bij Ría Lagartos en Las Coloradas foerageren ze in de zoutpannen. De broedkolonie zelf is afgesloten voor bezoekers.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd; de wereldpopulatie neemt toe. De populatie van Yucatán is sinds het midden van de twintigste eeuw sterk gegroeid dankzij de bescherming van de broedgebieden in de biosfeerreservaten Ría Lagartos en Ría Celestún. Verstoring van de kolonie, zoutwinning, kustontwikkeling en orkanen blijven bedreigingen.

Wetenschappelijke naam

Phoenicopterus ruber | Linnaeus, 1758

Linnaeus beschreef de soort in 1758 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Phoenicopterus voerde hij in datzelfde werk in. Phoenicopterus is Grieks, van phoinix 'karmozijnrood' en pteron 'veer', dus 'roodgevederd'. ruber is Latijn voor 'rood', naar het diepe rozerood van deze soort. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit de Antillen.