Alle soorten › Stormvogelachtigen › Noordelijke stormvogeltjes › Vaal stormvogeltje

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Keerkringvogels en watervogels Phaethoquornithes › Water- en moerasvogels Aequornithes

Vaal stormvogeltje | Hydrobates leucorhous

Leach's Storm-Petrel | Paíño boreal

Het vaal stormvogeltje is een middelgroot, donkerbruin stormvogeltje met lange, geknikte vleugels, een gevorkte staart en een springerige, onregelmatige vlucht. Het broedt in de noordelijke Atlantische en Grote Oceaan en overwintert op tropische zeeën. In het gidsgebied broeden kleine populaties op eilanden voor Baja California, deels met een donkere stuit; vogels uit het noorden trekken langs de Pacifische kust en overwinteren ver uit de kust tot voor Panama.

Vaal stormvogeltje (Hydrobates leucorhous)
Foto: Alexis Lours — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Op zee vrijwel stil. In de kolonie klinkt 's nachts uit de holen een aanhoudend, ritmisch snorren, en in de vlucht een opgewonden, ratelend en lachend gekwetter.

Luister: ZangXC844783

Opname: Doug Hynes — CC BY-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

18–22 cm. Een middelgroot stormvogeltje met lange, hoekige vleugels die bij de pols duidelijk geknikt zijn, en een diep gevorkte staart. Het verenkleed is roetbruin, met een opvallende, vaalbruine band over de bovenvleugeldekveren. De stuit is bij de meeste vogels wit, meestal door een grijze middenlijn gedeeld en aan de zijkanten nauwelijks doorlopend op de onderstaartdekveren; bij een deel van de broedvogels van Baja California is de stuit grijs of geheel donker. Mannetje, vrouwtje en jonge vogels zijn gelijk. De vlucht is springerig en onregelmatig, met diepe slagen en plotselinge zwenkingen, wat doet denken aan een nachtzwaluw.

Verwarrings­soorten

Het townsends stormvogeltje Hydrobates socorroensis en het ainleys stormvogeltje Hydrobates cheimomnestes, die beide bij Guadalupe broeden, zijn kleiner, met kortere vleugels en een ondiepere staartvork; vooral donkerstuitige vogels zijn op zee vaak niet met zekerheid te onderscheiden. Het madeirastormvogeltje Hydrobates castro heeft een brede, ongedeelde, recht afgesneden stuitband, een ondiepere staartvork en een gelijkmatige vlucht met stijve slagen. Het galapagosstormvogeltje Hydrobates tethys is kleiner, met een veel grotere, wigvormige witte stuitvlek. Het zwart stormvogeltje Hydrobates melania is groter, geheel donker en vliegt met trage, diepe slagen.

Leefgebied

Open oceaanwater buiten het continentaal plat, vaak boven de rand van het plat en boven diep water; komt zelden dicht onder de kust. Zoekt al vliegend kleine kreeftachtigen, vissen en inktvisjes van het wateroppervlak, vooral 's nachts. Broedt in zelfgegraven holen en rotsspleten op eilanden.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Broedt in de noordelijke Atlantische Oceaan en in de noordelijke Grote Oceaan, van Japan en de Aleoeten tot Californië. In het gidsgebied broedt de soort op de Coronado-eilanden en de San Benito-eilanden voor de Pacifische kust van Baja California; de broedvogels van de San Benito-eilanden behoren tot de ondersoort H. l. chapmani, met overwegend donkere stuiten. Vogels uit het noorden trekken in het najaar zuidwaarts en overwinteren op open zee voor de Pacifische kust van Mexico en Midden-Amerika tot Panama en verder zuidelijk. In de Golf van Mexico schaars in de zomer, boven diep water. Omdat er op volle zee weinig wordt waargenomen, is de verspreiding buiten het broedseizoen onvolledig bekend.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. apr–sep)
  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het meest kans op boottochten ver uit de kust van Baja California in de zomer, en in de winter op tochten over diep water voor de Pacifische kust van het zuiden van Mexico en Midden-Amerika. Let op de lange, geknikte vleugels, de gevorkte staart en de springerige vlucht.

Staat van instandhouding

Kwetsbaar. De wereldpopulatie is groot, maar in een aantal van de grootste kolonies in de noordelijke Atlantische Oceaan sterk afgenomen. Oorzaken zijn onder meer predatie door meeuwen en geïntroduceerde zoogdieren, kunstlicht van schepen, booreilanden en kustplaatsen, en plastic en olie op zee. Op verschillende broedeilanden voor Baja California zijn geïntroduceerde katten en ratten verwijderd.

Wetenschappelijke naam

Hydrobates leucorhous | (Vieillot, 1818) (GBIF: Oceanodroma leucorhoa)

Vieillot beschreef de soort in 1818 als Procellaria leucorhoa; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Hydrobates werd in 1822 ingevoerd door Boie. Hydrobates is Grieks, van hudro- 'water' en batēs 'loper': 'waterloper'. leucorhous is Grieks, van leukos 'wit' en orrhos 'stuit', naar de witte stuitband. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit de kust van Picardië.