Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Kolibries › Witbuikamazilia
Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Nachtzwaluwen en gierzwaluwen Strisores
Witbuikamazilia | Chlorestes candida
White-bellied Emerald | Colibrí cándido
De witbuikamazilia is een kleine kolibrie met groene bovendelen en zuiver witte onderdelen. Hij komt voor in het laagland en de heuvels van het zuidoosten van Mexico tot Nicaragua, en is in grote delen van het Yucatán-schiereiland en Belize een van de algemeenste kolibries. Mannetje en vrouwtje zijn vrijwel gelijk.
Geluid
Een droog, scherp tsik of tsjit; de zang is een reeks hoge, piepende en krassende tonen.
Opname: GABRIEL LEITE — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
8–9 cm, met een rechte snavel die van boven donker is en een roze ondersnavel met donkere punt heeft. De bovendelen, kruin en flanken zijn groen, met groene vlekjes op de zijkant van keel en borst. De onderdelen zijn verder wit. De staart is grijsgroen tot bronsgroen, met een donkere band en grijze toppen aan de buitenste pennen. Het vrouwtje is iets doffer, met meer grijs in de staart.
Verwarringssoorten
De hemelsblauwe amazilia Saucerottia cyanocephala is groter, met een blauwe kruin, een langere snavel en een effen bronsgroene staart. Vrouwtjes van de witnekkolibrie Florisuga mellivora zijn veel groter, met geschubde keel en borst. De roodstaartamazilia Amazilia tzacatl heeft een groene keel en borst, een rode snavel en een roodbruine staart.
Leefgebied
Randen van vochtig en halfvochtig bos, seizoensbos, secundair bos, open plekken met struiken, plantages, schaduwkoffie en tuinen, van zeeniveau tot ongeveer 1500 m. Foerageert op alle hoogten, ook in bloeiende bomen, en vangt veel kleine insecten.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.
Verspreiding en trek
Op de Atlantische helling van Mexico vanaf het zuiden van San Luis Potosí en Puebla via Veracruz, Oaxaca, Tabasco en Chiapas tot het hele Yucatán-schiereiland, verder in Belize, Guatemala, Honduras en Nicaragua, vooral aan de Caribische kant. Zeldzaam en plaatselijk in het noorden van Costa Rica.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Langs bosranden en in tuinen op het Yucatán-schiereiland en in Belize, bijvoorbeeld rond de archeologische terreinen in het bos, bij bloeiende struiken en bomen.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd. In het grootste deel van het verspreidingsgebied algemeen. De soort verdraagt secundair bos, plantages en tuinen goed.
Wetenschappelijke naam
Chlorestes candida | (Bourcier & Mulsant, 1846)
Bourcier & Mulsant beschreef de soort in 1846 als Trochilus candidus; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Chlorestes werd in 1854 ingevoerd door Reichenbach. Chlorestes is Grieks, van khlōros 'groen' en esthēs 'kleding': 'in het groen gekleed'. candida is Latijn, van candidus 'stralend wit', naar de witte onderdelen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Cobán, Guatemala.





