Alle soorten › Roofvogels › Havikachtigen › Afrikaanse bergbuizerd

Afrikaanse bergbuizerd | Buteo oreophilus

Mountain Buzzard | Busardo Montañés

De Afrikaanse bergbuizerd is een bosbuizerd van de bergen van Oost-Afrika, die in het gebied alleen de montane bossen van Noord-Malawi en het aangrenzende deel van Zambia bereikt. Hij lijkt sterk op de steppebuizerd, maar is een standvogel die zich dicht bij het bos houdt en boven de bosrand cirkelt.

Afrikaanse bergbuizerd (Buteo oreophilus)
Foto: Francesco Veronesi from Italy — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een klagend, miauwend pieee-oo, vergelijkbaar met de roep van de buizerd maar iets hoger en scherper, vooral tijdens het cirkelen boven het bos in de ochtend.

Luister: RoepXC763307

Opname: isaac kilusu — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

42–50 cm, spanwijdte 100–115 cm. Een middelgrote, compacte buizerd. Volwassen vogels zijn van boven donkerbruin; de onderkant is wit tot roomkleurig met grote, druppelvormige donkerbruine vlekken op borst en flanken, die op de buik vaak tot een donkere zone samenvloeien. De keel is licht met een donkere streep in het midden. De staart is grijsbruin met talrijke smalle donkere banden en een iets bredere eindband. In de vlucht is de ondervleugel licht met een donkere carpaalvlek, donkere vleugelpunten en een fijn gebandeerde achterrand. Jonge vogels zijn bruiner en van onderen meer gestreept dan gevlekt.

Verwarrings­soorten

De buizerd Buteo buteo, vooral de steppebuizerd (vulpinus), is in de zuidelijke zomer als trekvogel aanwezig en is zeer vergelijkbaar; hij is meestal roestiger of bruiner van onderen, met een lichte band over de borst en een roodachtige staart, en jaagt in open land in plaats van in het bos. De jonge augurbuizerd Buteo augur is groter en breedvleugeliger. De Afrikaanse havik Aerospiza tachiro is slanker, met korte, ronde vleugels en een lange staart, en is van onderen gebandeerd in plaats van gevlekt.

Leefgebied

Montaan regenbos en bosfragmenten boven ongeveer 1500 m, vaak in combinatie met berggrasland; plaatselijk ook in plantages van den en eucalyptus. In het zuiden van het areaal, zoals in Malawi, blijft hij in het bos zelf en jaagt hij nauwelijks in het open grasland daarbuiten. Jaagt vanaf een zitplaats aan de bosrand op knaagdieren, reptielen, kikkers en grote insecten.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

In het gebied alleen in Malawi: montane bossen in het noorden, vooral op het Nyika-plateau, in de Misuku-heuvels en op het Viphya-plateau, met enkele waarnemingen verder naar het zuiden; waarschijnlijk ook aan de Zambiaanse kant van het Nyika-plateau. De zuidgrens van het areaal is onvoldoende bekend. Verder in de bergen van Oost-Afrika, van Ethiopië en Zuid-Soedan via Oeganda, Kenia, Rwanda, Burundi en Oost-Congo tot Tanzania.

  • Zomergast (ca. okt–mrt)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Zoek op het Nyika-plateau langs de randen van de bosfragmenten (zoals het Chowo-bos) in de ochtend naar een buizerd die boven de boomkruinen opstijgt. Elke buizerd hier in de zuidelijke winter (mei–september) is vrijwel zeker een bergbuizerd, omdat de steppebuizerd dan in Europa en Azië is.

Staat van instandhouding

Gevoelig op de Rode Lijst, door het verlies en de versnippering van montane bossen in Oost-Afrika als gevolg van houtkap, landbouw en branden. In Malawi is het leefgebied klein en versnipperd, maar deels beschermd in het nationale park Nyika.

Wetenschappelijke naam

Buteo oreophilus | Hartert & Neumann, 1914

Hartert & Neumann beschreef de soort in 1914 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Buteo werd in 1799 ingevoerd door De Lacépède. Buteo is het Latijnse woord voor een buizerd. oreophilus komt van het Griekse oros, 'berg', en philos, 'liefhebbend' — naar het leefgebied in bergbossen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Koritscha, Ethiopië.