Alle soorten › Trapachtigen › Trappen › Blauwe trap

Blauwe trap | Eupodotis caerulescens

Blue Korhaan | Sisón Azulado

De blauwe trap is een endemische kleine trap van het hoogveld van Zuid-Afrika en Lesotho, de enige met een geheel blauwgrijze hals en onderzijde. Hij leeft in kleine familiegroepen die luid en ritmisch kwakend het grasland vullen.

Blauwe trap (Eupodotis caerulescens)
Foto: Bernard DUPONT from FRANCE — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Zeer vocaal, vooral bij zonsopgang en zonsondergang: een luid, kwakend en ritmisch krok-kaa-krok-kaa-krok, vaak in duet of door de hele groep, dat ver over het grasland draagt.

Luister: ZangXC460393

Opname: Rick Nuttall — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

Middelgroot, 50 tot 58 cm. Hals, borst en buik leigrijs tot blauwgrijs, rug en vleugels warm bruin met fijne donkere tekening. Het mannetje heeft een zwarte kruin, een witte wang die naar achteren door een zwarte lijn wordt begrensd en een zwarte keel; het vrouwtje heeft een bruine kruin en wang met minder contrast. In vlucht donkere slagpennen met een blauwgrijze onderzijde. De poten zijn geelachtig.

Verwarrings­soorten

De Senegaltrap (Eupodotis senegalensis) heeft een witte buik, een meer oranjebruine rug en bij het mannetje een zwarte keelvlek met een blauwe voorhals; de soorten overlappen op het oostelijke hoogveld. De zwartkintrap (Heterotetrax vigorsii) van de Karoo is grijsbruin, zonder blauwe buik, met een zwarte kinvlek. Geen andere trap in de regio heeft de geheel blauwgrijze onderdelen.

Leefgebied

Open, kortgrazig hoogveldgrasland met weinig bomen, vaak op licht golvende vlakten en ook in weiden en rond akkers, op 1200 tot 2100 m. Eet insecten, vooral termieten, kevers en sprinkhanen, en verder zaden en groen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

Endemisch voor het gebied: het hoogveld van Zuid-Afrika in de Vrijstaat, Mpumalanga, het zuiden van Gauteng, het noordoosten van de Oost-Kaap en het westen van KwaZulu-Natal, verder in het westen van Lesotho. Nergens elders ter wereld.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Rijd in de vroege ochtend door het hoogveld rond Wakkerstroom, Memel of Volksrust en luister naar het kwakende koor; groepjes van twee tot vijf vogels lopen dan vaak dicht langs de weg. Ze zijn opvallend tam vanuit de auto.

Staat van instandhouding

Gevoelig. Het hoogveld wordt op grote schaal omgezet in akkerland, plantages en mijnbouwgebied, waardoor geschikt grasland versnippert; de soort verdraagt weiden maar geen gesloten akkers. Botsingen met draden spelen eveneens een rol. De wereldpopulatie telt naar schatting 8000 tot 10.000 volwassen vogels.

Wetenschappelijke naam

Eupodotis caerulescens | (Vieillot, 1820)

Vieillot beschreef de soort in 1820 als Otis Caerulesens; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Eupodotis werd in 1839 ingevoerd door Lesson. Eupodotis komt van het Griekse eu, 'goed', pous (podos), 'voet', en ōtis, 'trap' — naar de stevige, goed ontwikkelde loopoten. caerulescens is Latijn voor 'blauwachtig' — naar de blauwgrijze hals en onderdelen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Oost-Kaap, Zuid-Afrika.