Alle soorten › Trapachtigen › Trappen › Rüppells trap

Rüppells trap | Heterotetrax rueppelii

Rüppell's Korhaan | Sisón de Damaraland

De Rüppells trap is de bleke woestijntrap van de Namib, bijna geheel beperkt tot Namibië en het uiterste zuidwesten van Angola. Paren lopen over kale grindvlakten waar nauwelijks een grasspriet staat en vallen daar op door hun luide, ratelende duet.

Rüppells trap (Heterotetrax rueppelii)
Foto: Ragnhild&Neil Crawford from Sweden — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een luid, raspend en kwakend duet, karrak-karrak-karrak, vooral bij zonsopgang, waarbij beide partners snel afwisselen; ver hoorbaar over de open vlakte.

Voor deze soort is nog geen opname met een geschikte Creative Commons-licentie beschikbaar.

Herkenning

Middelgroot, 54 tot 60 cm. Bleek zandkleurig tot grijsbeige, de bovendelen fijn gevermiculeerd en zwakker getekend dan bij de zwartkintrap. De hals is lichtgrijs met een smalle zwarte streep over het midden van de voorhals, die aansluit op een zwarte keelvlek. Het gezicht is grijs met zwart-witte tekening rond oog en wang en een donkere lijn over de kruin. De buik is wit, de poten geelachtig. Het vrouwtje heeft minder zwart op keel en hals.

Verwarrings­soorten

De zwartkintrap (Heterotetrax vigorsii) is donkerder en bruiner, zonder de smalle zwarte streep over de voorhals; in het zuiden van Namibië komen overgangsvormen tussen beide voor. De Ludwigs trap (Neotis ludwigii) deelt de randen van de Namib maar is veel groter, met een roestrode achterhals.

Leefgebied

Kale en schaars begroeide grindvlakten, zandvlakten met pollengras en de randen van de Namibwoestijn en de pro-Namib, ook droge rivierbeddingen en de lage heuvels van het binnenland. Eet insecten, vooral kevers en termieten, verder zaden en groen na regen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

Vrijwel endemisch voor het gebied: de Namib en pro-Namib van Namibië, van het zuiden rond Aus noordwaarts door het Kaokoveld tot in het zuidwesten van Angola (Namibe). In het zuiden van Namibië gaat de soort over in de zwartkintrap.

  • Jaarrond
  • Wintergast (ca. apr–sep)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

De grindvlakten van het Namib-Naukluftpark, bijvoorbeeld langs de weg tussen Solitaire en Walvisbaai en rond Ganab, en de vlakten ten oosten van Swakopmund zijn betrouwbaar. Speur met een telescoop de horizon af en luister bij zonsopgang naar het duet.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Het woestijnleefgebied wordt weinig gebruikt en ligt voor een groot deel in beschermde gebieden. Plaatselijk speelt verstoring door terreinwagens en mijnbouw een rol.

Wetenschappelijke naam

Heterotetrax rueppelii | (Wahlberg, 1856)

Wahlberg beschreef de soort in 1856 als Otis Rüppelii; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Heterotetrax werd in 1894 ingevoerd door Sharpe. Heterotetrax komt van het Griekse heteros, 'anders', en tetrax, een wilde hoendervogel uit de oudheid (nu de naam van de kleine trap) — een 'andere' kleine trap. rueppelii eert de Duitse ontdekkingsreiziger en natuuronderzoeker Eduard Rüppell (1794–1884), bekend om zijn reizen in Noordoost-Afrika. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Onanis, Damaraland, Namibië.