Alle soorten › Roofdieren › Wasberen en neusberen › Rode neusbeer

Rode neusbeer | Nasua nasua

South American coati | Coatí de cola anillada

De rode neusbeer is een kleine beer uit Zuid-Amerika, verwant aan de wasbeer. In het gidsgebied is hij een exoot: via de handel in huisdieren is hij op Mallorca terechtgekomen, waar zich in het zuidwesten van de Serra de Tramuntana een zich voortplantende populatie vestigde. Die is tussen 2002 en 2013 bestreden; sindsdien zijn er nog losse meldingen. Elders in Europa gaat het om losse ontsnapte dieren.

Rode neusbeer (Nasua nasua)
Foto: Chrs87 — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Sporen

Neusberen rusten 's nachts en werpen hun jongen in nesten in bomen. Overdag zoeken zij hun voedsel vooral op de grond, in groepen. Voor het vangen op Mallorca bleek meloen het beste lokaas, naast vlees en kattenvoer. Beschrijvingen van prent en keutel zijn in de bronnen van deze gids niet gevonden.

Herkenning

Een slank, kortpotig roofdier met een lange, spitse, beweeglijke snuit en een lange staart met donkere ringen die vaak rechtop wordt gedragen. Kop-romp 41 tot 67 cm, staart 32 tot 69 cm, schofthoogte ongeveer 30 cm, gewicht 3 tot 6 kg; mannetjes zijn groter dan vrouwtjes. De kleur varieert van oranje of roodachtig tot zeer donkerbruin, vaak met gele tinten, en verschilt zelfs tussen jongen van één worp. De snuit is bruin of grijs. Met de voorpoten houdt en bewerkt het dier zijn voedsel.

Gelijkende soorten

In het gidsgebied is de combinatie van lange snuit en rechtop gedragen geringde staart eigen aan deze soort. De wasbeer heeft een zwart oogmasker, een spitse snuit en een kortere, dikke geringde staart, en is 's nachts actief. De boommarter, die ook op Mallorca voorkomt, heeft een gele tot oranjegele keel- en borstvlek en een borstelige staart zonder ringen van ongeveer de halve romplengte. De genetkat is slanker, gevlekt en heeft een dunne staart met acht tot tien ringen. De witsnuitneusbeer (Nasua narica) uit Midden-Amerika heeft een witte snuit.

Leefgebied

In Zuid-Amerika regenwoud, galerijbos langs rivieren, nevelwoud en droge gebieden als chaco, cerrado en droog struikbos, tot 2500 m hoogte. Op Mallorca de bosgebieden in het zuidwesten van de Serra de Tramuntana.

Waar het dier het meest voorkomt, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.

Verspreiding

Van oorsprong tropisch en subtropisch Zuid-Amerika, van Colombia en Venezuela tot Uruguay en Argentinië. In Europa is de enige gedocumenteerde zich voortplantende populatie die van Mallorca, afkomstig van als huisdier gehouden dieren. De vestiging wordt in de literatuur verschillend gedateerd: volgens de Europese beheerfiche liep er van 2002 tot 2013 een uitroeiingsprogramma, volgens een studie uit 2019 vestigde de soort zich in 2004. In Groot-Brittannië zijn ontsnapte dieren gemeld en teruggevangen, zonder aanwijzingen voor voortplanting. Vóór de beperkingen van de Unielijst werden in 165 Europese dierentuinen 769 neusberen gehouden.

Levenswijze

Dagactief; de nacht wordt in een boomnest doorgebracht. De vrouwtjes en hun jongen leven in groepen van meestal 10 tot 30 dieren, uitzonderlijk tot 65, met een rangorde. Volwassen mannetjes leven buiten de paartijd alleen. Alleseter: ongewervelden zoals keverlarven, schorpioenen, duizendpoten, spinnen, mieren en termieten, verder vruchten, eieren, hagedissen, kleine zoogdieren en aas. Vruchten zijn vooral belangrijk als er weinig geleedpotigen zijn. De paartijd verschilt per gebied. Het vrouwtje verlaat de groep voor de worp; na een draagtijd van 74 tot 77 dagen worden in een boomnest één tot zeven, meestal drie of vier jongen geboren, waarmee zij na vijf tot zes weken naar de groep terugkeert. De jongen worden rond vier maanden gespeend; vrouwtjes zijn na twee jaar geslachtsrijp, mannetjes na ongeveer drie jaar. In het wild leeft een neusbeer ongeveer 7 tot 8 jaar.

Waar en wanneer kijken

Een neusbeer in het gidsgebied is vrijwel altijd een ontsnapt of losgelaten dier. Een waarneming — met foto, datum en plaats — kan worden doorgegeven aan de instantie die in het betreffende land invasieve exoten beheert. De soort is overdag actief en leeft in groepen, en is daardoor goed zichtbaar.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC, 2016) in het natuurlijke areaal, waar zij voor voedsel wordt bejaagd. In Europa staat de rode neusbeer sinds 3 augustus 2016 op de Unielijst van voor de Unie zorgwekkende invasieve uitheemse soorten (Verordening 1143/2014): houden, kweken, vervoeren, verhandelen en loslaten zijn verboden. In Spanje staat hij sinds 2013 in de nationale catalogus van invasieve exoten (Real Decreto 630/2013). Op Mallorca zijn tussen 2002 en 2013 44 dieren verwijderd, vooral met levendvangkooien en door afschot; dat vroeg meer dan 100 mensdagen veldwerk en ongeveer 2000 km reizen per jaar, en kostte gemiddeld 1500 euro per gevangen dier. Voor het gidsgebied zijn in de geraadpleegde bronnen geen gemeten gevolgen voor de inheemse fauna of flora beschreven. De Spaanse soortfiche noemt als mogelijke gevolgen predatie, concurrentie om voedsel met andere dieren, een effect op de verjonging van planten en schade aan landbouw en irrigatievoorzieningen; in delen van het natuurlijke areaal is de soort gastheer van Toxoplasma gondii en Trypanosoma cruzi.

Wetenschappelijke naam

Nasua nasua | (Linnaeus, 1766)

Linnaeus beschreef de soort in 1766 als Viverra Nasua; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Nasua is gevormd bij het Latijnse nasus 'neus', naar de lange beweeglijke snuit. De soortnaam herhaalt de geslachtsnaam. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Brazilië, Pernambuco.