Alle soorten › Anjerachtigen › Zonnedauwfamilie › Drosera grantsaui
Drosera grantsaui
Een zonnedauw van de Braziliaanse cerrado, de uitgestrekte savanne van het binnenland, genoemd naar Rolf Grantsau, een Duits-Braziliaanse natuuronderzoeker. Drosera grantsaui werd in 2003 door Fernando Rivadavia beschreven, in hetzelfde artikel in Carnivorous Plant Newsletter waarin ook Drosera camporupestris, Drosera tentaculata en Drosera viridis werden benoemd. Anders dan veel van die soorten is ze niet tot één bergketen beperkt, maar verspreid over verschillende deelstaten.

Herkenning
Een meerjarige, platte tot licht opgerichte rozet van spatelvormige bladeren die in de zon rood kleuren en dicht met tentakels bezet zijn, met een of meer bloeistengels die meerdere bloemen dragen. In habitus lijkt ze op Drosera communis en verwanten; de onderscheidende kenmerken, onder meer van steunblaadjes, beharing en zaad, staan in de oorspronkelijke beschrijving. Maten en een bevestigde bloemkleur konden hier niet worden nagegaan; de maatvelden blijven leeg.
Gelijkende soorten
Drosera communis is de meest voor de hand liggende verwarringsoort; beide groeien in natte, open delen van de cerrado en kunnen naast elkaar voorkomen. Ook Drosera sessilifolia, met zittende, wigvormige bladeren, en Drosera hirtella en Drosera lutescens, met opvallende beharing, groeien in de cerrado. Zonder de oorspronkelijke beschrijving of de sleutel uit de synopsis van 2022 is determinatie in het veld onzeker.
De val en hoe hij werkt
Een actieve lijmval. De tentakels vangen kleine insecten die over de natte grond lopen of er laag boven vliegen, zoals mieren, springstaarten en muggen; daarna buigen de omringende tentakels naar de prooi toe. De rozet ligt dicht bij de grond, zodat vooral kruipende prooi wordt gevangen.
Standplaats en ecologie
Natte, open plekken in de cerrado: drassige graslanden en veredas, de karakteristieke natte laagten met moeraspalmen, randen van beekjes en kwelzones, en seizoensnatte zandige laagten (B6, W7, W4). De bodems zijn zuur en arm; in de lange droge tijd kunnen de groeiplaatsen grotendeels uitdrogen en worden ze regelmatig door branden getroffen.
Verspreiding en hoogte
Midden- en Oost-Brazilië, verspreid over meerdere deelstaten in het cerradogebied, zoals ook de gebiedskolom van deze gids aangeeft. Voor zover bekend endemisch voor Brazilië. Een precieze lijst van deelstaten en een hoogtebereik konden hier niet worden nagegaan.
- Waargenomen (hokken van een graad)
Vormen en variatie
Er worden geen variëteiten erkend. De soort maakt deel uit van de rijke zonnedauwflora van de Braziliaanse cerrado en campos rupestres, waar in de laatste twintig jaar tientallen soorten nieuw zijn beschreven of opnieuw zijn afgebakend.
Waar en wanneer te zien
Zoek in het natte seizoen, november tot april, in de natte laagten en langs beekjes in open cerradolandschap, bijvoorbeeld in de nationale parken van Goiás en Minas Gerais. Vergelijk ter plaatse met D. communis, als die in de buurt groeit, en fotografeer bloeistengel, bloem en steunblaadjes van dichtbij.
Staat van instandhouding
Niet geëvalueerd voor de wereldwijde IUCN-Rode Lijst en niet opgenomen in CITES. Het areaal is betrekkelijk groot, maar de cerrado is een van de snelst verdwijnende ecosystemen van Zuid-Amerika: grote delen zijn omgezet in soja- en maïsvelden en weiden, en de natte laagten worden gedraineerd of afgedamd. Lokaal gaan daardoor veel groeiplaatsen verloren.
Wetenschappelijke naam
Drosera grantsaui | Rivadavia, 2003
Beschreven door Fernando Rivadavia in september 2003, in Carnivorous Plant Newsletter, deel 32, nr. 3, p. 82-85. De naam werd korte tijd als synoniem van D. communis (golf 40) beschouwd, maar op basis van moleculair en morfologisch onderzoek weer als eigen soort erkend. Brazilië, Minas Gerais, Grão Mogol, "Morro do Jambeiro", moerassige bron aan de voet van de heuvel, ongeveer 7 km van de stad aan de weg naar Montes Claros, op 700 m hoogte. Verzameld door Rivadavia (nr. 299) op 8 september 1994; holotype in herbarium SPF. Vernoemd naar Rolf Grantsau (1928-2015), een Duits-Braziliaanse natuuronderzoeker en wetenschappelijk illustrator die in 1962 naar Brazilië emigreerde. Vooral bekend als ornitholoog (specialist in kolibries, mede-beschrijver van de papegaai Amazona kawalli in 1989), maar ook actief op het gebied van zoogdieren, reptielen, insecten, orchideeën en vleesetende planten. Meerdere soorten uit verschillende groepen zijn naar hem vernoemd.
World Checklist of Vascular Plants (WCVP), via Plants of the World Online (POWO), Royal Botanic Gardens, Kew.